Oer-Hollandse natuur: blauwe reigers
Vogelbescherming NederlandDe blauwe reigers zitten alweer op het nest. Februari is door ons bestempeld als ‘winter’, maar voor hen is het broedseizoen. Ze broeden solitair of in slordige kolonies op plekken waar rovers moeilijk bij kunnen komen, zoals in bomen op eilandjes in een vijver of plas. Dat mag wat hen betreft ook in stadsparken zijn. Hun wilde en luidruchtige balts- en begroetingsrituelen zijn niet te missen.
Huwelijksmarkt
Waarom blauwe reigers vaak in kolonies broeden is wat minder duidelijk. Ze stelen elkaars takken, verdedigen de kolonie niet gezamenlijk, gaan niet met z’n alle vissen en vechten met elkaar. Hmm... Het lijkt vooral een overzichtelijke huwelijksmarkt voor ze. Handig als je niet monogaam bent, maar ieder jaar een nieuwe partner zoekt.
Vele eeuwen
Blauwe reigers bewonen onze lage landen al vele eeuwen. Ze zijn flexibel, passen zich in een oogwenk aan en leven met gemak zij aan zij met de mens. Zelfs met zoveel gemak, dat ze vrolijk om frietjes bedelen bij patatzaken, met open snavel naast de pelikanen in Artis zitten als het voertijd is en zich niet schamen om mee te liften op een vissersbootje voor het visafval. Het is moeilijk voor te stellen, maar dat was ooit anders.

Afgeschoten, vergiftigd en... opgegeten
Niet al te lang terug waren blauwe reigers schuwe moerasvogels, die tot ver in de twintigste eeuw werden afgeschoten, vergiftigd en verstoord. Ten eerste zouden ze zogezegd concurrentie zijn voor vissers, ten tweede wilden sommige dames de mooie, afhangende sierveren voor op hoeden, en ten derde aten we ze op. Echt, dat opeten was in de 13e eeuw al gebruikelijk bij de adel, maar ook tot het begin van de 20e eeuw stonden hun eieren, jongen en het vlees van borst en poten in tijden van schaarste op het menu van de gewone mens.
Vogelwet in 1899
Gelukkig waren er ook toen al mensen die het achterlijk vonden om vogels te doden voor hun veren en daarom is in 1899 Vogelbescherming opgericht. Die vroege vogelbeschermers maakten zich ook hard voor de wettelijke bescherming van vogels en niet zonder resultaat: in 1912 werd de eerste versie van de Vogelwet van kracht, waardoor blauwe reigers – en andere vogels – niet meer mochten worden gedood of verstoord. Goed werk.
De rand van de afgrond
Het water was in die dagen echter nog flink verontreinigd en de vissen daardoor ook. Dat vergde zijn tol bij de visetende vogels, zoals de blauwe reiger. Toen de extreem strenge winter van 1962/1963 uitbrak, kwam Nederland tot een dieptepunt van 3500 broedparen blauwe reigers, de rand van de afgrond…
Vorst is problematisch voor blauwe reigers
Vorst is een probleem voor blauwe reigers en een deel trekt daarom in de winter weg naar Engeland of Frankrijk. Een ander deel blijft ’s winters in Nederland. Dat is een gok. In een periode met stevige vorst kan je groepen blauwe reigers in een weiland zien staan, in afwachting van de invallende dooi, want het water is dichtgevroren en de bodem hard, dus ze kunnen geen voedsel vinden. Als de vorst dan aanhoudt, sterven veel van de vogels die deze strategie verkozen boven wegtrekken.

Schoner water: herstel blauwe reiger
Terug naar nu. Die barre winter is voorbij en de waterkwaliteit is stukken beter, want Vogelbescherming en andere natuurbeschermers stelden het probleem van de waterverontreiniging aan de kaak – in 1970 werd de Wet verontreiniging oppervlaktewateren van kracht. Vanaf toen ging de populatie blauwe reigers zich écht herstellen, tot het niveau waar we nu zitten. Geen sloot, gracht, vijver of plas of er staat wel een blauwe reiger met een schuin oog het water af te zoeken naar een visje of kikker.
Neem niets voor lief en geef niet op
Dit verhaal heeft een dubbele moraal. De eerste: neem niets voor lief. We hebben een minimaal niveau nodig waar onze omgeving aan moet voldoen om het leefbaar te houden voor vogels en mensen. Een Basiskwaliteit Natuur om gewone soorten, zoals de blauwe reiger, gewoon te houden. Dat is niet vanzelfsprekend. Zo moet bijvoorbeeld het water en de bodem niet verontreinigd zijn, ook in ons eigen belang.
De tweede: we neigen soms naar wanhoop als het gaat om ons leefmilieu en de natuur, want er gaat veel verloren en de nodige veranderingen gaan zo langzaam, maar… natuurbescherming werkt. De wereld zag er nu anders uit als die allereerste vogelbeschermers zich in 1899 niet druk hadden gemaakt over het doden van al die reigers, als die wetten er niet waren gekomen, als we waren doorgegaan alsof we het niet zagen. Kijk dus niet weg en geef niet op. Dat doet Vogelbescherming ook niet.
Tekst: Vogelbescherming Nederland
Beeld: Rob Elfring
