Vijf voor twaalf voor baobabs op Madagaskar
Hortus botanicus LeidenVan de zes endemische baobabs op Madagaskar is Adansonia suarezensis het meest bedreigd. Modellen voorspellen dat door klimaatverandering van het oorspronkelijke leefgebied in 2050 een schamele 17 vierkante kilometer zal resteren. De overgebleven populaties zijn geografisch sterk versnipperd. Over de mate van inteelt en natuurlijke verjonging was nog weinig bekend. De meest prangende vragen waren: is er nog voldoende genetische diversiteit, en worden er nog nakomelingen geproduceerd?

DNA-detectives op jacht naar genetische diversiteit
Om deze vragen te beantwoorden verzamelde een internationaal onderzoeksteam van botanici blad- en bastmonsters van 118 volwassen bomen van Adansonia suarezensis op vier verschillende locaties in Madagaskar. Twee van de locaties lagen in een beschermd natuurgebied (Beantely en Mahory), twee andere daarbuiten (Montagne des Franscais en Ambilo). Geëxtraheerd DNA werd onderzocht om de mate van inteelt te bepalen.
Geen inteelt, maar wel weinig genetische diversiteit
Het goede nieuws was dat de genetische diversiteit van de onderzochte baobabs nog te hoog was om te concluderen dat er al sprake is van inteelt. Inteelt treedt op als nauw verwante individuen samen nakomelingen produceren. Deze overleven vaak niet in het wild. Desondanks is het slechte nieuws dat de overgebleven genetische diversiteit geografisch sterk geconcentreerd is (zie onderstaande figuur). Genetische diversiteit is belangrijk om bijvoorbeeld ziektes of de gevolgen van klimaatverandering te overleven. Populaties met een hogere genetische diversiteit zijn beter in staat om zich aan te passen aan een veranderende wereld.

Bestuivers verdwijnen
Baobabs zijn afhankelijk van dieren om stuifmeel uit te wisselen. De belangrijkste bestuiver is de Madagaskarpalmvleerhond (Eidolon dupreanum). Deze vliegende honden kunnen stuifmeel overbrengen tussen bomen uit verschillende populaties. Ze worden echter sterk bejaagd en daardoor steeds zeldzamer. Minder uitwisseling van stuifmeel leidt tot steeds grotere genetische isolatie tussen populaties van baobabs.

Zaadverspreiding al lang geleden gestopt
Baobabzaden zijn relatief groot en zwaar. Lange afstandsverspreiding van de relatief grote zaden van Adansonia suarezensis kwam al lang geleden tot stilstand bij het uitsterven van de reuzenloopvogels en bepaalde soorten maki's op Madagaskar. Tegenwoordig vallen alle zaden vlak bij de moederboom op de grond, wat de genetische diversiteit binnen populaties niet ten goede komt.
Alleen nog kiemplanten in natuurreservaten
De onderzoekers telden alle kiemplanten en jonge baobabs in de vier gebieden. In de beschermde gebieden Beantely en Mahory werden nog kiemplanten en jonge baobabs gevonden. Op de andere twee locaties vrijwel niet meer. In Mahory staan de meeste kiemplanten en jonge bomen, mogelijk omdat daar minder illegaal gekapt wordt. Bescherming van habitat bleek dus rechtstreeks effect te hebben op de voortplanting. Zonder jonge bomen zullen volwassen baobabs uit het landschap verdwijnen.
Nu of nooit
Baobabs zijn langlevende bomen. Momenteel staan er nog veel volwassen bomen in het wild. Dat betekent dat we ze nu nog kunnen behoeden voor uitsterven, maar daar moeten we niet te lang meer mee wachten. Uitbreiding van het aantal natuurparken zal het aantal kiemplanten doen toenemen. Zo kunnen ook toekomstige generaties van deze prachtige bomen blijven genieten. Zonder natuurparken zullen deze iconen van het Afrikaanse landschap stilletjes verdwijnen.
Meer informatie
Tekst: Barbara Gravendeel, Hortus botanicus Leiden; Juan Viruel, Universidad de Zaragoza, Spanje; Onja Hariveloniaina Morilline Razanamaro, Parc Botanique et Zoologique de Tsimbazaza, Antananarivo, Madagaskar
Beeld: Onja Hariveloniaina Morilline Razanamaro; CMM Teixeira
