Kraanvogels

Ontdek de vogeltrek

Vogelbescherming Nederland
6-OKT-2026 - De vogeltrek is een van de wonderbaarlijkste natuurfenomenen die je in Nederland kunt beleven. Miljoenen vogels trekken halfjaarlijks door ons land, in het najaar van broedgebied naar overwinteringsplek en in het voorjaar de andere kant op. Welke vogels kun je goed zien tijdens de vogeltrek, ook al ben je geen ervaren vogelkenner? En waar?

De vogeltrek is een wereldwijd natuurverschijnsel. Miljarden vogels vliegen van Noord- naar Zuid-Amerika, van Azië naar Australië en van (Noord-)Europa naar Afrika, en vice versa. Nederland ligt strategisch op de trekroute van arctische gebieden naar Europa en vaak nog verder: westelijk en zuidelijk Afrika. Die vogeltrekroute heeft een naam: de Oost-Atlantische vliegroute. In totaal bestaan er veertien van zulke ‘flyways’ op aarde.

In het najaar trekken miljoenen vogels door ons land naar het zuiden en in het voorjaar volgt een omgekeerde stroom vogels richting het noorden. De lucht zou dus zwart moeten zien van de vogels tijdens de trektijd. Maar dat is niet zo. Veel vogels vliegen zo hoog dat je ze niet kunt zien, of ze vliegen ’s nachts. En ze vertrekken niet allemaal op hetzelfde moment. Zo trekken veel steltlopers al aan het einde van de zomer richting Afrikaanse oorden. Maar niet getreurd: er zijn talloze plekken in het najaar waar je de vogeltrek toch kunt meemaken als de omstandigheden goed zijn. Soms heb je zelfs helemaal niet door dat je naar vogeltrek aan het kijken bent.

De najaarstrek

De najaarstrek is massaler dan de voorjaarstrek. Alle vogels hebben jongen gehad en hele families en enorme groepen trekken zuidwaarts. De najaarstrek begint al in juli en loopt door tot in november. De piek ligt in september en vooral oktober. De vroege gasten zijn de vele steltlopers in juli, aangevuld met visarenden en zwarte ooievaars in augustus. Oktober is de piekmaand met massale trek van vinken, lijsters, piepers, leeuweriken en roofvogels. Vooral met rugwind uit het noorden of oosten kan het losgaan.

De kraan is koning

Misschien wel de meest zichtbare en spectaculaire najaarstrek in de lucht in Nederland is die van de kraanvogels. In grote V-formaties trekken ze van half oktober tot in december luid trompetterend over ons land. Brengers van geluk, koude rillingen, 'ooohs en aaahs'. Helaas is het spektakel alleen weggelegd voor Limburg en Oost-Nederland en dan ook nog uitsluitend als er een oostenwind staat. Een enkele keer bij zeer straffe oostenwind wordt een groep kraanvogels verder naar het westen geblazen. Lees meer over de kraanvogeltrek.

De wintergasten

Niet alle vogels trekken door naar het zuiden. Voor veel vogels uit het noorden, of voor een deel ervan, is Nederland juist de eindbestemming. Met name eenden en ganzen komen massaal bij ons overwinteren, maar ook lijsters als de koperwiek en kramsvogel en kleine vogels als de keep en de sijs. Het meest prominent is de kolgans. Kolganzen komen vooral uit Rusland en Noord‑Scandinavië, waar ze in de zomer broeden op toendra en taiga. Tussen de 800.000 en 900.000 verblijven er hier en daarmee is Nederland een van de belangrijkste overwinteringsgebieden in heel Europa. Je kunt de kolganzen vooral zien in het noorden en westen van Nederland en in het rivierengebied.

De verborgen vogeltrek van de grondtroepen

Om de vogeltrek te ontdekken hoef je niet per se naar de lucht te kijken. Integendeel. Het beste voorbeeld van onbewust vogeltrek gadeslaan zijn de witte kwikstaarten, vogels die bijna iedereen kent. Ze zijn, als ze in Nederland broeden, altijd alleen of in paren. Maar op trek is het een ander verhaal, dan trekken witte kwikstaarten in groepen. Zie je in het najaar een groep van tien witte kwikstaarten bij elkaar bij een plas, of huppend in een weiland, dan weet je vanaf nu: die vogels zijn op trek en bezig aan een enorme reis! Dat geldt ook voor hun neef de gele kwikstaart, en hetzelfde geldt voor graspiepers.

Witte kwikstaart

Een steltloper bij elke plas

Steltlopers beginnen al in juli aan hun terugtocht en gaan daarmee door in augustus en september. Heb je een plas in de buurt met droogvallende slikrandjes? Speur de rand dan in deze maanden af en je zult verbaasd zijn wat je soms aantreft. De meeste kans heb je op oeverlopers, witgatjes of groenpootruiters. Maar je kunt ook zomaar een zwarte ruiter, kemphaan of bonte strandloper tegen het lijf lopen.

De invasiesoorten

Invasiesoorten zijn trekvogels uit het hoge noorden die in de winter ons land kunnen overspoelen, soms in enorme aantallen. Vaak gebeurt dit als gevolg van voedseltekort. De vogels trekken dan en masse naar onder meer ons land om voedsel te vinden. Bekende invasiesoorten zijn de keep en de kruisbek. Ook zeldzame vogels als de notenkraker hebben wel eens invasiejaren gekend, maar de laatste massale invasie dateert alweer uit 1977. Het kan overigens ook gebeuren met zeer algemeen voorkomende vogels. Zo werd ons land afgelopen jaar overspoeld door tienduizenden pimpelmezen. De meest populaire invasievogel is echter de pestvogel. Een vogel zo sierlijk en mooi dat je als vogelaar elk jaar hoopt op een invasie, ondanks dat deze vogels op de vlucht zijn voor de hongerdood. Helaas komen ook invasies van de pestvogel tegenwoordig minder vaak voor. Maar als het weer zover is, dan is het genieten geblazen!

Zeg maar dag tegen de ooievaar

Ooievaars zijn sowieso al aandachtstrekkers, maar tijdens de najaarstrek doen ze er een schepje bovenop. Op zonnige dagen in september kunnen grote groepen van tientallen tot meer dan honderd ooievaars overtrekken. Ze cirkelen als in een draaikolk op de thermiek en trekken vervolgens in één lange lijn door, waarna ze op zoek gaan naar de volgende thermiekbel. Overigens blijft ongeveer 10 tot 15 procent van de Nederlandse ooievaars in ons land overwinteren. Lees meer over ooievaars op de website van STORK.

Meesters van de thermiek

Speciale aandacht is tijdens de najaarstrek gepast voor roofvogels. Is het een zonnige dag met weinig wind? Ga dan naar een groot open terrein in de natuur bijvoorbeeld een groot heideveld, met een wijds uitzicht, en tuur in de verte noordwaarts met je verrekijker. Zodra de zon de aarde heeft opgewarmd, gebruiken roofvogels de warme opstijgende lucht om verder zuidwaarts te trekken. De meest voorkomende vogels die je kunt zien overtrekken zijn sperwers, kiekendieven en buizerds. Maar ook zeldzamere soorten als visarenden, wouwen en wespendieven zijn te zien. Als je een goede trekdag treft, kunnen er meer dan honderd roofvogels over je hoofd zweven. Maar let op: ze kunnen erg hoog overvliegen!

Een zeldzame vogel kan overal opduiken

Een klassieker tijdens de najaarstrek is de houtsnip. Zelfs in heel kleine stadstuinen zit er soms ineens ’s ochtends een houtsnip voor het raam. Dat is misschien wel het leukste van de vogeltrek. De meest gekke vogels kunnen zomaar ergens opduiken: een hop. Een roodkeelnachtegaal. Een zwartkeellijster. Het kan je overkomen!

Een ‘najaarsklassieker’ die zich elk jaar laat zien, is de bladkoning. Een minuscuul maar prachtig vogeltje dat normaal in Siberië broedt en in Zuidoost‑Azië overwintert. Maar elk jaar slaan er een paar bladkoningen af richting Nederland. Je vindt ze in loofbomen, ze bewegen razendsnel door de takken, vaak samen met mezen en goudhaantjes. Er zijn overigens nog meer vogels die een verkeerde afslag nemen, die noemen we dwaalgasten.

De korteafstandstrekkers

Korteafstandstrekkers zijn vogels die in het najaar wel vertrekken, maar niet ver gaan. Ze blijven binnen Europa en gaan soms maar een klein stukje de grens over. Je kunt denken aan soorten als veldleeuwerik en spreeuw. Ze blijven binnen Europa en trekken vooral richting België, Noord‑Frankrijk en Zuid‑Engeland. Hoewel de trek niet ver gaat, kan die wel massaal zijn. Een mooi voorbeeld is soms ook de kievit. Kieviten verzamelen zich in groepen op weilanden na het broedseizoen. Als de vorst invalt, trekken ze zuidwaarts en schuiven ze naar België en Noord‑Frankrijk. Ze bewegen mee met de vorstgrens.

Hoe een duif groots kan zijn

Woon je in het oosten van het land, dan heb je vanaf half oktober kans op een van de grootste en meest onverwachte trekspektakels. Het fenomeen wordt veroorzaakt door de houtduif, een vogel zo gewoon en algemeen dat we er soms niet eens meer naar omkijken. Maar op een heldere dag, met lichte tot matige oostenwind, kunnen er honderdduizenden houtduiven per dag overtrekken, soms in groepen van wel vijfduizend tegelijk. Het zijn vogels uit Scandinavië die via Nederland naar Frankrijk en Spanje trekken. Als de hemel volhangt met grote groepen duiven die als wolken aan de horizon voorbijschuiven, dan laat de houtduif je in verbazing achter.

Houtduif

Storm aan de kust

Tijdens de najaarstrek is de Nederlandse kust 'the place to be'. Veel vogels trekken langs de waterlijn of door de duinen zuidwaarts. Eigenlijk kom je vrijwel altijd wel leuke trekvogels tegen. Zwaluwen, kwikstaarten, grasmussen, koperwieken, fitissen, tapuiten, braamsluipers en grote groepen vinken. Een extra attractie openbaart zich als er een krachtige noordwestenwind opsteekt. Zeevogels die op trek zijn op volle zee zijn normaal niet te zien, maar worden dan door de sterke wind dichter naar de kust geblazen. Dan kun je vanaf een duintop opeens sterns, jagers, stormvogels, duikers, zee-eenden en jan-van-genten zien. Maar om de zeevogels goed te zien blijft een telescoop noodzakelijk.

Meer informatie

  • Meer vogelkijkplekken ontdekken? Ontdek duizenden prachtige vogelgebieden in eigen land én daarbuiten op Birdingplaces.eu.
  • Alles wat je altijd al wilde weten over de vogeltrek vind je op de speciale vogeltrekpagina. Je vindt er veel vragen en antwoorden over vogeltrek en je leest wat jij kunt doen om trekvogels te helpen.  
  • Je kunt je op de vogeltrekpagina aanmelden voor het WhatsAppkanaal 'Volg de vogeltrek live'.

Tekst: Chris van der Heijden, Vogelbescherming Nederland
Beeld: Ad Sprang (leadfoto: kraanvogels op trek)