Kansen voor natuur in agrarisch gebied liggen voor het oprapen

De Vlinderstichting
6-FEB-2020 - Vandaag verscheen het Living Planet Report ‘Natuur en landbouw verbonden’. Daaruit blijkt dat populaties van wilde diersoorten in agrarisch gebied zijn afgenomen met 50%. Toch kan in agrarisch gebied veel gedaan worden om natuur onderdeel te maken van de bedrijfsvoering. De Vlinderstichting werkt met veel partijen samen om in agrarische landschappen bewezen effectieve natuurmaatregelen te nemen.
Deel deze pagina

Grasland: meer bloemen en gefaseerd maaien

De aardhommel: een van de bestuivers die profiteert van de maatregelen

In Friesland heeft De Vlinderstichting samen met boeren van agrarisch collectief It Lege Midden en terreinbeheerders van It Fryske Gea gewerkt aan maatregelen voor insecten in graslanden. Drie jaar werden zeven verschillende beheermaatregelen uitgevoerd in 22 gebieden. Met de hulp van veel vrijwilligers, studenten en ecologen, hebben we de effecten op insecten als vlinders en bijen, en spinnen bekeken. De maatregelen varieerden van het gefaseerd maaien van slootkanten tot het creëren van bloemrijke randen. Met alle deelnemers hebben we geleerd dat een grotere bloemenrijkdom en een gefaseerde uitvoering van maaibeheer belangrijk zijn (pdf: 731 KB). Deze factoren hebben een positief effect op vlinders en bijen, en soms ook andere insecten. Tegelijkertijd maakt het onderzoek duidelijk dat sommige soorten van een maatregel profiteren, en andere juist niet. Het gezegde ‘Zoveel hoofden, zoveel zinnen’ geldt in de natuur vaak ook. Dat is niet ontmoedigend bedoeld, maar wel goed om je te realiseren bij het werken met natuur en natuurmaatregelen.

Veelbelovende vogelakkers: insecten kunnen profiteren

In Noord-Holland hebben we samen met de ANV Hollands Noorden en ANV De Lieuw Texel gewerkt aan nieuwe inzichten voor het beheer van vogelakkers (pdf: 2,7 MB). De vogelakker is een vinding van Grauwe Kiekendief Kenniscentrum Akkervogels en bestaat uit een afwisseling van brede stroken met luzerne (een gewas) en stroken met een bloemenmengsel. Zo worden natuur en landbouw letterlijk verweven. De maatregel is oorspronkelijk ontwikkeld voor de grauwe kiekendief, een zeldzame roofvogel die voornamelijk in akkers in Groningen broedt. Tegenwoordig worden vogelakkers verspreid door de lage landen aangelegd, en wordt gezocht naar manieren om de maatregel ook voor andere flora en fauna geschikt te maken. Op Texel en in de Wieringermeer heeft De Vlinderstichting onderzocht welke insecten op vogelakkers voorkomen. De onderzochte vogelakkers bleken significant positieve effecten te hebben op de aantallen dagvlinders, zweefvliegen en nachtvlinders. 56 procent van de dagvlinders bleken graslandvlinders te zijn, een groep die in heel Europa onder druk staat. Op sommige plekken werden grote aantallen nachtvlinders in vogelakkers gezien, met mogelijk positieve gevolgen voor de voedselvoorziening van opgroeiende jonge akkervogels. Bijzonder waren de vondsten van twee zeldzame bijensoorten op vogelakkers op Texel: de gewone langhoornbij en de moshommel werden alleen gezien op de vogelakkers (en niet op de referentiepercelen). Dit laat zien dat meerjarige vogelakkers van waarde kunnen zijn voor landelijk zeldzame bijensoorten, mits de beheermaatregel in leefgebied van deze bijensoorten gesitueerd is.

Vogelakker op Texel

Boeren hebben een sleutelrol in handen voor het broodnodige herstel van planten en dieren in agrarische landschappen. De positieve effecten kunnen reiken tot in natuurgebieden, dorpen en tuinen. We hoeven het boeren alleen maar mogelijk te maken: met financiële prikkels, langetermijnbeleid en kennis. De kansen kunnen ook in 2020 verzilverd worden.

Tekst en foto’s: Anthonie Stip, De Vlinderstichting

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen