Geef wilde, autochtone bomen en struiken in Nederland een toekomst

Ecologisch Adviesbureau Maes
15-MRT-2020 - Het gaat niet goed met de wilde bomen en struiken in Nederland. De helft van de circa honderd soorten is zeldzaam en wordt bedreigd. Enkele zijn al regionaal en zelfs landelijk uitgestorven. De zorg voor de wilde bomen en struiken is sterk onderbelicht bij het beheer van beschermde oude boskernen en houtwallen, ook bij Natura 2000-bossen. 27 oktober is er een symposium over dit onderwerp.
Deel deze pagina

Het aandeel bos- en landschapselementen met wilde bomen en struiken is op de totale oppervlakte bos- en landschapselementen naar schatting minder dan drie procent. Volgens het IUCN is thans veertig procent van de Europese boomsoorten bedreigd met uitsterven en Nederland staat er dus niet beter voor.

Plan

In het natuurbeleid en ook bij de professionele beheerders is momenteel te weinig aandacht voor de populaties van wilde bomen en struiken, en de resten van het oude cultuurlandschap waarin ze groeien, om het tij te keren. Daarom is het rapport ‘Behoud groen Erfgoed, Plan voor het behoud van bedreigde wilde bomen en struiken in Nederland’ opgesteld. In dit plan wordt de enorme achteruitgang geanalyseerd en is een stappenplan voor behoud en beheer opgenomen. Dit plan is geschreven door Lodewijk van Kemenade en Bert Maes en kon worden samengesteld met financiële steun van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en in samenwerking met Staatsbosbeheer, Centrum voor Genetische Bronnen Nederland en LandschappenNL. In het radioprogramma Vroege Vogels van 17 november 2019 werd het plan ‘Behoud Groen Erfgoed’ gepresenteerd.

Unieke bijdrage aan biodiversiteit

De wilde flora en fauna, waaronder de wilde bomen en struiken, leveren een onmisbare bijdrage aan de biodiversiteit, niet alleen de diverse soorten op zichzelf, maar ook vanwege het voedselweb dat per boomsoort z’n eigen relaties heeft met soorten insecten, schimmels, vogels etc.

In meer dan tienduizend jaar van natuurlijke selectie na de laatste IJstijd is hier door milieu en klimaat een populatie aan wilde bomen en struiken met een breed genetisch spectrum ontstaan. Deze genetische variatie maakt deze bomen en struiken sterk en resistent voor veranderingen. Instandhouding en herstel van de populaties van wilde bomen en struiken is ook van belang voor een aantal milieuproblemen dat recent veel aandacht trekt, zoals klimaatverandering en de sterke achteruitgang in het aantal insecten.

Atlas wilde bomen en struiken

In de afgelopen dertig jaar zijn in Nederland veel groeiplaatsen van de wilde, ofwel autochtone, bomen en struiken in kaart gebracht. De Rijksdienst voor het Cultureel erfgoed (RCE) heeft deze informatie als ‘Atlas van het landschappelijk groen erfgoed van Nederland’ online gezet. Door het intensieve onderzoek zijn soorten ontdekt waarvan nagenoeg onbekend was dat ze nog in Nederland voorkwamen, zoals de fladderiep en bepaalde wilde rozen- en meidoornsoorten. Ook van wilde appel en wilde peer, voorouders van ons cultuurfruit, kwamen hier en daar groeiplaatsen aan het licht.

Geen specifiek beheer

Onze oudste bossen en houtwallen behoren tot het oudste cultuurhistorische erfgoed. Ze konden overleven door het duurzaam gebruik ervan binnen het boerenbedrijf of door de dorpsgemeenschappen. De belangrijkste bossen en struwelen zijn beschermd binnen het Europese Natura 2000-netwerk. Toch wordt meestal geen specifiek beheer aanbevolen en toegepast om juist deze wilde houtige bosflora te behouden en te verbeteren. Houtwallen en heggen, een belangrijke bron van biodiversiteit, vallen curieus genoeg zelfs buiten Natura 2000.

Recente kap van zeldzame boomsoorten (onder andere fladderiepen) in de Achterhoek bij Winterswijk

Plan met aanbevelingen

In ‘Behoud Groen Erfgoed, Plan voor het behoud van bedreigde wilde bomen en struiken in Nederland’ worden drie voorbeeldgebieden uitgewerkt, waarbij het historische en huidige beheer besproken wordt en wat nog meer gedaan zou kunnen worden. Deze gebieden zijn de Noordelijke Friese Wouden, de noordelijke Veluwe en het Savelsbos in Zuid-Limburg. In het plan staat een groot aantal concrete beheermaatregelen beschreven dat beheerders toe kunnen passen. In het plan zijn ook per provincie de prioritaire boom- en struiksoorten aangegeven waarvoor op korte termijn maatregelen nodig zijn. 

Voorgesteld wordt om de aanwezige kennis van de wilde bomen en struiken in beheerplannen op te nemen en zonodig quickscans of aanvullende inventarisaties te laten uitvoeren. Behoud van zeldzame en karakteristieke bomen en struiken en groeiplaatsverbeteringen zijn een eerste belangrijke stap. Vergroting van te kleine populaties door aanplant met autochtoon plantgoed kan noodzakelijk zijn. Plantgoed is aanwezig middels de Nationale Autochtone Genenbank (Staatsbosbeheer) en de Rassenlijst Bomen (Centrum voor Genetische Bronnen Nederland). Andere maatregelen zijn bijvoorbeeld dunningen op maat, verwijderen of omvorming van exoten en invasieve soorten.

Toekomst

Voor de wilde bomen en struiken is het niet vijf vóór twaalf maar al ver over twaalf. Terreinbeherende instanties wordt aanbevolen een inhaalslag te maken om beschikbare informatie toe te passen, aanvullende inventarisaties te verrichten en kennis binnen de organisatie te borgen. Ook opleidingen en onderwijs zijn in dit verband cruciaal. Op universiteiten en hogescholen waar natuurbeheer, bosbouw en bomenkennis gedoceerd worden, zou de kennis over de wilde bomen en struiken, hun ecologische en cultuurhistorische relevantie en beheeraspecten onderdeel van het les- en studiemateriaal moeten zijn. Deze ontbreekt nu nagenoeg.

Symposium

Op dinsdag 27 oktober organiseert de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in samenwerking met Staatsbosbeheer een symposium over het behoud van de bedreigde wilde bomen en struiken in Nederland. Voor een eerder symposium was de belangstelling zo overweldigend dat er die dag een herhaling komt. Naast de auteurs werken ook het Centrum Genetische Bronnen Nederland van Wageningen University & Research en Staatsbosbeheer als beheerder van de autochtone genenbank mee aan het symposium. Meld u aan voor het symposium.

Deze bijeenkomst stond eerder gepland op 14 april 2020.

Meer informatie

Tekst: Bert Maes, Ecologisch Adviesbureau Maes en Lodewijk van Kemenade, Landschapsbeheer Flevoland
Foto’s: Bert Maes (leadfoto: berijpte viltroos, waarvan hier het enige exemplaar in Friesland (de Noordelijke Friese Wouden))

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen