Eikenprocessierups in 30% van de eiken en rupsen van vorig jaar kruipen uit grondnesten

Kenniscentrum Eikenprocessierups
13-JUN-2020 - Het percentage eiken dat besmet is met processierupsen is met gemiddeld 30% beduidend lager dan de 55% vorig jaar. Toch komen nog steeds op veel plaatsen grote hoeveelheden rupsen voor. Opvallend is het grote aantal rupsen dat dit jaar vanaf begin juni uit de bodem komt. Door de verwachte (stevige) onweersbuien kunnen nesten, rupsen of brandharen uit de bomen waaien, met extra overlast tot gevolg.
Deel deze pagina

Het aantal eikenprocessievlinders dat vorig jaar in feromoonvallen werd aangetroffen, lag met 40 vlinders per val beduidend lager dan in het recordjaar 2018. Er werden toen 73 vlinders per val aangetroffen. 40 vlinders per val was nog steeds het een-na-hoogste aantal sinds de tellingen begonnen zijn; dus we hadden al eerder aangekondigd dat in 2020 substantiële aantallen rupsen verwacht konden worden. Dat komt ook uit. Uit een systematische inventarisatie van bijna tienduizend bomen uit verschillende delen van Nederland die niet preventief bespoten zijn, blijkt dat in 30% van de bomen eikenprocessierupsen zitten. De besmettingsgraad ligt daarmee beduidend lager dan de 55% van de bomen vorig jaar. Er zijn wel grote verschillen. In sommige gemeenten is meer dan 50% van de bomen aangetast terwijl in andere maar 10% is aangetast. Vanwege de overlast vorig jaar is dit jaar op veel meer plekken preventief bestreden dan vorig jaar. De besmettingsgraad van zo’n tienduizend bomen die preventief bespoten zijn, lag op 13%, waarbij de nesten die er zaten beduidend kleiner waren dan op onbespoten bomen.

Rupsen van vorig jaar kropen vanaf begin juni uit de grond

Gemiddeld ligt het aantal rupsen bij bestrijding dus beduidend lager, maar toch worden ook bij preventief bespoten bomen plaatselijk nog veel eikenprocessierupsen waargenomen. Dit tegenvallende resultaat wordt waarschijnlijk veroorzaakt door eikenprocessierupsen die vorig jaar de bodem in gekropen zijn en in verlengde diapauze zijn gegaan. Dit is een soort rusttoestand waarbij de ontwikkeling stilstaat. Vorig jaar was het warm en zeer droog waardoor veel eiken te maken kregen met eikenmeeldauw. Door de meeldauw waren de bladeren niet meer eetbaar voor de eikenprocessierupsen en in combinatie met de hitte heeft dit ertoe geleid dat grote groepen rupsen de bomen hebben verlaten en in de grond zijn gekropen. Door rond een aantal bomen netten te plaatsen, konden we aantonen dat eikenprocessierupsen ook in de grond kunnen verpoppen. Onder de netten van een aantal bomen hebben we in 2019 duizenden eikenprocessievlinders aangetroffen.

Eikenprocessierupsen achter het gaas dat rondom bomen met een grondnest gespannen is

Op dezelfde proeflocaties met grondnesten waren echter ook bomen waar geen vlinders achter het net zijn gevangen. Wel zijn hier in juni dit jaar de eerste rupsen uit de grond gekomen om hun cyclus te voltooien. Deze rupsen verkeren in het vierde larvestadium. Dit betekent dat ze al brandharen hebben. Als de rupsen uit de grond komen, zijn ze bruinig van kleur en koersen ze aan op vervelling naar het vijfde larvestadium. Omdat ze verzwakt zijn moeten ze eerst eten, waarna ze zich verzamelen om te vervellen. Een pas vervelde rups is lichtgrijs van kleur en heeft tijdelijk een wit kopje. Voor het derde jaar op rij hebben we kunnen vaststellen dat deze rupsen pas begin juni uit de grond kruipen. Dit is dus nadat de preventieve bestrijding heeft plaats gevonden. De mate waarin dit fenomeen plaatsvindt en de invloed die dit heeft op de inzet van beheermaatregelen is nog onderwerp van onderzoek.


Eikenprocessierupsen uit grondnesten (Bron: Silvia Hellingman)

Herkennen van bomen met rupsen die uit de grond komen

Bomen met 'rupsen van vorig jaar' zijn veel minder kaalgevreten dan je op basis van het aantal rupsen zou verwachten. De rupsen met een ‘normale’ cyclus hebben de gebruikelijke nesten in de kronen en verzamelen zich massaal in dichte spinselnesten in de kroon van de boom. Kenmerk van de rupsen uit grondnesten is dat ze meestal aan de stamvoet van de boom zitten en rondom de boom tot in een straal van één meter. Ze vervellen vaak op de stam nadat ze hun eerste maaltijd na de diapauze hebben genomen en niet in een nest. Bij het ontbreken van een spinsel rondom de rupsen verwaaien de vervellinghuidjes met de honderdduizenden brandharen makkelijk in de omgeving, met alle negatieve gezondheidseffecten tot gevolg. Na de vervelling gaat de vraat snel verder en ontstaat soms zelfs kaalvraat van (lage) delen van de boom.

Pas vervelde eikenprocessierups uit een grondnest

Zeer veel eikenprocessierupsen uit de grond gekropen

Indien er onvoldoende beschutting is om te nestelen, kan het gebeuren dat de rupsen terug de bodem in kruipen. Dat treedt op bij jong- en halfwasbomen waar openingen in de bodem zijn, zoals in verlaten muizenholen en krimpscheuren door droogte.

Indien er noodzaak is tot het bestrijden van de eikenprocessierupsen in de bodem kan de inzet van insectparasitaire nematoden van het geslacht Steinernema carpocapsae zinvol zijn. Deze insectparasitaire bodemorganismen zijn onderdeel van de Nederlandse fauna. In geval van grondnesten waarbij zich geen rupsen boven of op de bodem bevinden, is het het meest efficiënt de grond rondom de bomen te injecteren met deze nematoden. Eenmaal uitgezet zullen nematoden op zoek gaan naar softbody insecten. De nematoden overleven in de bodem veel langer dan als ze in de boomkroon gespoten worden, omdat de bodem hun natuurlijke leefomgeving is.

Eikenprocessierupsen uit een grondnest die vervellen op de stam

Eikenprocessierupsen uit een grondnest onderaan de stam

Eikenprocessierupsen op ramen en deuren

We krijgen diverse meldingen van eikenprocessierupsen die ver van een eik aan de wandel zijn en zelfs op deuren, ramen, verkeersborden en bankjes worden aangetroffen. Het is nog onduidelijk waarom ze zo ver van een eik verwijderd zijn. Het heeft recent niet gestormd waardoor ze uit de boom gevallen zouden kunnen zijn. Het is mogelijk dat ze op zoek zijn naar een beschutte plek om in diapauze te gaan. Vorig jaar werden processierupsen bijvoorbeeld in een schuur aangetroffen. Van de dennenprocessierups in Spanje is bekend dat ze in rotsspleten in verlengde diapauze gaan.

Eikenprocessierupsen op een verkeersbord

Niet meer spuiten met bacteriën

Er bereiken ons meldingen dat er nog steeds op enkele plekken bomen worden bespoten met bacteriën. Dat raden we ten zeerste af, temeer omdat de eikenprocessierupsen niet meer goed reageren op de bacteriën, terwijl andere vlindersoorten worden geraakt waardoor negatieve effecten ontstaan op de biodiversiteit. Voorts verwaaien door het spuiten vervellingen en brandharen naar de directe omgeving waardoor mens en dier gezondheidsklachten kunnen ontwikkelen.

Hoewel veel boombeherende organisaties folie om stammen van eiken hebben verwijderd of gesommeerd hebben deze te verwijderen, wordt er nog steeds folie om eikenbomen waargenomen. De folie werkt niet in het beheer en de bestrijding van eikenprocessierupsen. Wat er nu gebeurt is dat de rupsen onder of boven op de folie kruipen/nestelen waardoor het voor de bestrijders moeilijk is om de rupsen te verwijderen en ook de folie een bron van besmetting vormt. Bij het verwijderen van de folie uit eiken moeten dezelfde voorzorgsmaatregelen in acht worden genomen als bij eikenprocessierupsen.

Overlast 2020

In 2019 werd eind juni, begin juli (weken 25 tot en met 27) de meeste overlast ervaren. Uit een nadere analyse van het Nivel bleek dat in deze periode duizenden mensen met huidklachten (jeuk, bultjes en roodheid en in mindere mate pijn) naar de huisarts gingen. De komende weken zal ook weer rekening gehouden moeten worden met overlast. In de buurt van eiken moet je rekening houden met de aanwezigheid van eikenprocessierupsen. Wees ook alert op lagere nesten en vervellingen bij de stam bij het uitlaten van de hond. Houd de honden bij de eikenbomen vandaan. Er zijn in 2020 al gevallen bekend van honden die in oude nesten gehapt hebben en honden die in contact zijn geweest met brandharen tijdens het snuffelen aan de voet van een eik. Let op ook dat dieren zoals paarden en koeien zoveel mogelijk uit de buurt blijven van bomen die besmet zijn om te voorkomen dat ze in contact komen met brandharen.

De komende dagen worden pittige onweersbuien verwacht. Deze kunnen gepaard gaan met harde wind en hagel. De kans is reëel dat eikenprocessierupsen, nesten en vervellinghuidjes uit de bomen zullen waaien. Let op: ook nesten zitten bomvol brandharen omdat de rupsen zich daarin verveld hebben. De brandharen gaan met de vervellingen mee.

De rupsen die uit de boom vallen gaan over de grond op weg terug naar de bomen. Hierbij kunnen ze geen boomsoorten onderscheiden. Er is dan een kans dat ze in dergelijke gevallen hun vraat voortzetten op lagere aanplant, zoals bijvoorbeeld een beukenhaag. Ook kunnen ze kruipen in andere bomen zoals berken, populieren, beuken en lindes.

Wil je meer weten over de eikenprocessierups? Kijk dan de berichten in ons Dossier Eikenprocessierups. Voor meer dan 130 vragen en antwoorden over de eikenprocessierups kun je ook terecht op de website van het Kennisplatform Processierups: Processierups.nu.

Tekst: Kenniscentrum Eikenprocessierups: Silvia Hellingman, Hellingman Onderzoek en Advies; Arnold van Vliet & Hidde Hofhuis; Wageningen University; Henry Kuppen, Terra Nostra; Henk Jans, Jans Consultancy Gezondheid en Milieu; Joop Spijker, Wageningen Environmental Research
Foto’s: Silvia Hellingman; Henry Kuppen; Erwin Brouwer
Film: Silvia Hellingman

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen?
Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen