Gewone huissteekmug Culex pipiens

Ingestuurde steekmuggen geïdentificeerd; geef muggenoverlast tijdens de zomer door

Muggenradar
18-JUL-2022 - Van de in oktober ingestuurde steekmuggen was 71% een huissteekmug, 28% een wintersteekmug en 1% een malariamug. Maar 1,5% had bloed gedronken, beduidend minder dan de eerdere vangsten in de winter. Om beter zicht te krijgen op het effect van de zeer warme, droge en zonnige eerste helft van het jaar op de muggen vragen we u om wekelijks de mate van muggenoverlast door te geven via Muggenradar.nl.
Deel deze pagina

Om een goed beeld te krijgen van steekmugpopulaties in Nederland wordt er vanuit Muggenradar.nl niet alleen gevraagd uw overlast door te geven. Er worden door het jaar heen ook oproepen gedaan om dode steekmuggen op te sturen naar Wageningen University & Research. Zo werd ook in oktober en november 2021 het Nederlandse publiek gevraagd om een mug dood te slaan en deze op te sturen. Het resultaat was dat 438 mensen in totaal 977 insecten hebben opgestuurd vanuit alle provincies in Nederland. Van deze insecten bleken er 864 (88%) daadwerkelijk een steekmug te zijn. De overige insecten waren voornamelijk insecten die op steekmuggen lijken, maar niet over een steeksnuit beschikken en zich ook niet voeden met bloed.

Identificatie van ingestuurde steekmuggen

Van de ingestuurde steekmuggen behoorde 71% tot het geslacht Culex. Tot dit geslacht behoort de gewone huissteekmug (Culex pipiens), wat de meest voorkomende muggensoort in Nederland is. 24,5% van de ingestuurde insecten was een wintersteekmug (Culiseta annulata). Deze soort komt in Nederland veel voor en is vaak beter aangepast aan de kou dan andere veelvoorkomende muggensoorten. Mede hierdoor blijft de wintersteekmug dan ook actief gedurende de winter. Tot slot bestond een klein aandeel van de inzendingen uit muggen van het geslacht Anopheles; ook wel bekend als de malariamuggen. Slechts 1% van de ingestuurde steekmuggen behoorde tot dit geslacht. In Nederland dragen deze muggen de malariaparasiet niet bij zich, en je wordt dus ook niet besmet met malaria wanneer je gestoken wordt door een Nederlandse malariamug.

Figuur 1: Een weergave van de soortverhoudingen van de inzendingen in oktober 2021. In het figuur staan de aantallen aangegeven voor de steekmuggen (huissteekmug, wintersteekmug, en malariamug), overige insecten, en ongeïdentificeerde insecten

De 12% van de ingestuurde insecten die niet tot de steekmuggen behoren, waren vrijwel altijd te identificeren als insecten die qua uiterlijk erg op steekmuggen lijken. Het overgrote deel hiervan behoorde tot de wintermuggen (Trichoceridae) met een enkeling behorend tot de venstermuggen (Anisopodidae). In tegenstelling tot steekmuggen beschikken deze insecten niet over een steeksnuit en voeden ze zich ook niet met bloed. Mocht u zelf geïnteresseerd zijn om beter te worden in het onderscheiden tussen steekmuggen en niet-steekmuggen? Op de Muggenradarwebsite staan een aantal tips voor het herkennen van steekmuggen.

Figuur 2. Weergave van de kaart van Nederland met het overzicht van de steekmuggen en andere insecten die in oktober 2021 zijn opgestuurd

Percentage muggen met bloed

Alleen de vrouwelijke steekmuggen bijten en kunnen daardoor ook een flinke lastpost zijn. De mannelijke steekmuggen daarentegen, voeden zich voornamelijk met nectar en worden ook niet aangetrokken tot mensen. Van de ingestuurde gewone huissteekmuggen was 95% een vrouwtjesmug. Bij de wintersteekmuggen was dit 85%. Tijdens de herfst zijn er dus een aanzienlijk aantal mannelijke steekmuggen aanwezig binnen de Nederlandse huishoudens. Aangezien we tijdens de winter normaliter slechts enkele mannetjes ingestuurd krijgen, vermoeden we dat de ingestuurde mannelijke steekmuggen van oktober een overblijfsel zijn van de zomerpopulatie.

Van de gewone huissteekmuggen droeg slechts 2% bloed bij haar, wat inhoudt dat deze muggen kort voordat ze opgestuurd werden bloed hadden gedronken. Voor de wintersteekmuggen was dit 1%. Door middel van DNA-analyses is het mogelijk om te bepalen van welk dier het bloed in een mug afkomstig is. Onderzoekers van Wageningen University & Research zijn op dit moment bezig om dit uit te zoeken voor de ingestuurde muggen van afgelopen oktober.

Vergelijking met februari 2021

Wanneer we de resultaten van oktober 2021 naast die van februari 2021 leggen, zien we een aantal interessante verschillen. Zo was het opvallend dat het aantal inzendingen in februari veel hoger was dan in oktober, met meer dan zesduizend aanmeldingen over een periode van tien dagen. Vermoedelijk kwam dit door de grote hoeveelheid media-aandacht tijdens die periode.

Daarnaast is het interessant om te zien dat van de ingestuurde steekmuggen het percentage bloed gevoede muggen in februari op 7% lag, terwijl dit slechts 1,5% was in oktober. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat een groot deel van de ingestuurde muggen van afgelopen oktober waarschijnlijk tot de pipiens-variant van de gewone huissteekmug behoort. Deze variant muggen gaat in winterrust, wat inhoudt dat ze rond de herfst huizen binnen trekken maar zich niet meer voeden. Het relatief hogere percentage bloed gevoede muggen in februari zou verklaard kunnen worden doordat er op dat moment meer muggen van de molestus-variant actief zijn in verhouding tot muggen van de ­pipiens­-variant. Met DNA-analyses kunnen we bepalen tot welke variant de ingestuurde huissteekmuggen behoren.

Het percentage huissteekmuggen lijkt aanzienlijk hoger te liggen in oktober (71%) dan in februari (44%). Daarnaast waren er opvallend minder wintersteekmuggen in oktober (28%) in verhouding met februari (54%). Een mogelijke verklaring hiervoor is dat het zeer warme weer in de tweede helft van februari 2021 voor de juiste omstandigheden zorgde voor wintersteekmuggen om al vroeg in het jaar actief te worden.

Doorgeven muggenoverlast deze zomer

De eerste zes maanden van dit jaar waren zeer warm. Samen met 1990 staat 2022 op de vierde plaats van warmste jaren in de afgelopen ruim 300 jaar. Naast de warmte was het ook droog en zeer zonnig. Met deze weersomstandigheden zou je verwachten dat het muggenoverlastseizoen vroeg van start gaat. De vraag is echter of er door de droge omstandigheden minder broedplaatsen dan normaal zijn geweest voor steekmuggen. Vooral de huissteekmug maakt gebruik van kunstmatige broedplaatsen rondom het huis. Voor de komende weken worden hoge temperaturen verwacht, waarbij lokaal tropische temperaturen worden voorspeld. Wanneer het warmer is, zullen de larven van steekmuggen zich sneller ontwikkelen dan bij lagere temperaturen. Dit kan er mogelijk voor zorgen dat er later in het jaar hogere aantallen steekmuggen aanwezig zijn. Daarnaast kan er door regenval water blijven staan op verschillende plekken, zoals bakjes, emmertjes en sloten. Deze plekken kunnen vervolgens door steekmuggen als broedplaatsen gebruikt worden om hun eitjes af te zetten. Echter lijkt het erop dat het de komende weken erg droog wordt. Zo wordt er bijvoorbeeld voorspeld dat het neerslagtekort van de aankomende weken vergelijkbaar zal zijn met het neerslagtekort in de 5% droogste jaren in Nederland sinds 1906. Er kan in de komende weken neerslag vallen, wat kan zorgen voor een toename aan broedplaatsen voor steekmuggen. Echter, wanneer er sprake is van korte, hevige regenbuien, kan dit er juist voor zorgen dat muggeneitjes en/of larven wegspoelen uit deze broedplaatsen.

Het inschatten van de weerseffecten op steekmuggen is echter lastig. Om die reden vragen we u vanuit Wageningen University & Research ook deze zomer, net als tijdens de zomers van 2020 en 2021, wekelijks de door u ervaren overlast door steekmuggen door te geven via Muggenradar.nl. Hierbij zijn uw opties voor de mate van overlast als volgt: ‘geen overlast’, ‘een beetje overlast’, ‘veel overlast’, of ‘heel veel overlast’. Het is voor het onderzoek ook erg interessant om meldingen te ontvangen wanneer er geen muggenoverlast ervaren wordt.

U kunt uw muggenoverlast meldingen anoniem doorgeven of met uw Nature Today-account. Als u deze met een Nature Today-account doorgeeft, kunt u uw eigen waarnemingen later ook terugzien. Heeft u nog geen account? U kunt deze gratis aanmaken via deze link. Tijdens het aanmaken van een account kunt u ook aanvinken of u dagelijks of wekelijks de gratis nieuwsbrief van Nature Today wilt ontvangen met een overzicht van alle nieuw verschenen natuurberichten. Deze worden geschreven door topbiologen van meer dan 40 natuurorganisaties, kennisinstellingen en overheden. Tijdens de zomermaanden krijgen alle nieuwsbriefontvangers één keer per week een mededeling om de mate van muggenoverlast door te geven.

Het Muggenradaronderzoek is onderdeel van het One Health Pact onderzoeksproject waarin onderzoekers samenwerken om de opkomst en overdracht van door muggen overdraagbare ziekteverwekkers en de effecten van milieu, klimaat en menselijk handelen daarop te onderzoeken.

Tekst: Guido Schimmel, Sander Koenraadt en Rody Blom, Laboratorium voor Entomologie; Arnold van Vliet, Leerstoelgroep Milieusysteemanalyse, Wageningen University & Research
Foto's en figuren: Hans Smid (leadfoto: huissteekmug), Muggenradar.nl