Gelderse roos

Natuurjournaal 4 juni 2024

Nature Today
4-JUN-2024 - Roos uit de riddertijd en kleine haantjes tussen de bladeren.

Als de Gelderse roos, ook wel watervlier genoemd, niet bloeit, lijkt hij wel wat op een esdoorn. Maar nu staat hij in bloei en kan je hem gemakkelijk herkennen aan de grote bloemtuilen. In het midden van zo’n tuil zitten kleine bloemetjes, aan de rand veel grotere ‘randbloemen’. Die laatste hebben een grote aantrekkingskracht op bestuivers. Zweefvliegen, kevers en vlinders kan je dan ook vaak vinden op de Gelderse roos. In de vruchtbare, kleine bloemetjes vinden ze nectar en stuifmeel, in de grote bloemen zit niets. Ook mieren lopen vaak rond op deze struik. De bladstelen zijn namelijk voorzien van honingklieren. Deze lokken mieren naar de plant. De mieren snoepen van de honing en beschermen de plant vervolgens tegen plaaginsecten zoals rupsen en kevers. Haar naam, ‘Rose de Gueldre’, komt waarschijnlijk uit de riddertijden, toen de Hertogen van Gelderland in hoog aanzien stonden bij omringende landen. De Gelderse roos komt namelijk overal in Europa voor.

Het sneeuwbalhaantje is vaak te vinden op Gelderse roos

Het sneeuwbalhaantje of viburnumhaantje is dol op de Gelderse roos. De kevers zijn te vinden van juni tot september, maar dat valt niet mee. Als ze gestoord worden, vallen ze namelijk direct op de grond of vliegen ze weg. De larven van het sneeuwbalhaantje kunnen het blad soms flinke schade toebrengen. Het vrouwtje legt wel 250 tot 500 eieren, waar in het voorjaar de larven uit kruipen. Zij eten gaatjes in de bladeren en worden tot wel 10 millimeter groot. Net als bij andere keversoorten vreten ook de volwassen kevers aan het blad, maar het zijn de larven die het meeste blad opeten. Gelukkig heeft de natuur daar een oplossing voor. Vogels zoals koolmezen en braamsluipers eten de larven graag of voeren ze aan hun jongen. 

Tekst: Ineke Radstaat, Nature Today
Foto's: Hans; Bert Oving, Waarneming.nl