Zaden verzamelen HLA

Hoe Noord-Brabant zijn flora borgt

FLORON, Wageningen Environmental Research
20-JAN-2026 - Een gezonde inheemse flora is onmisbaar voor een duurzame toekomst van de Nederlandse natuur. Tegelijkertijd staat meer dan een derde van onze wilde plantensoorten momenteel onder druk. De vraag is dan ook urgent: hoe zorgen we ervoor dat onze flora behouden blijft?

Waarom is genetische diversiteit zo belangrijk? Een groot deel van het antwoord zit hem in de zaden die de genetische diversiteit van de soort herbergen. Genetische diversiteit bepaalt in hoge mate het aanpassingsvermogen van populaties. Planten met voldoende genetische variatie zijn beter bestand tegen ziekten, plagen, extreme weersomstandigheden en veranderingen in milieu en klimaat. In kleine, geïsoleerde populaties neemt die variatie vaak snel af en daarmee de veerkracht. Dit kan leiden tot inteeltdepressie, zichtbaar in bijvoorbeeld een lagere zaadproductie, slechtere kieming of verminderde groei. Uiteindelijk neemt zo de kans op lokaal uitsterven toe.

Natuurherstel is noodzakelijk om leefgebieden te behouden en populaties te vergroten, maar herstel kost tijd. In de tussentijd is het dus essentieel om de nog aanwezige genetische diversiteit veilig te stellen. Dat gebeurt via ex situ-behoud: het bewaren van genetisch materiaal in de vorm van zaden in een genenbank. In de Nationale zadencollectie wordt zo de genetische diversiteit van inheemse plantensoorten veiliggesteld. Stichting Het Levend Archief beheert deze collectie en werkt samen met kennisinstellingen, natuurorganisaties en botanische tuinen aan het behoud en herstel van de Nederlandse flora.

De binnengekomen zaden in de droogkast

Het Levend Archief: meer dan een kluis

Stichting Het Levend Archief werd in 2018 opgericht als een samenwerking van universiteiten, onderzoeksinstituten, botanische tuinen, inheemse zadenkwekers en natuurorganisaties. Het doel is ambitieus: het verzamelen en borgen van zaden van alle inheemse plantensoorten van Nederland, te beginnen met de meest bedreigde.

De verzamelde zaden vormen samen een genetische ‘back-up’ van de bronpopulaties. Een deel wordt duurzaam opgeslagen bij het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland (CGN) in Wageningen, terwijl een ander deel als werkcollectie wordt ondergebracht in de proefkassen van de Radboud Universiteit Nijmegen (RIBES). De opslag in Nijmegen vindt plaats onder gekoelde omstandigheden (4 graden Celsius) en is gericht op praktisch gebruik voor onderzoek of natuurherstel en het uitvoeren van kiemproeven, terwijl de zaden in Wageningen worden ingevroren bij –20 graden Celsius voor langdurige conservering. Samen vormen deze collecties de Nationale zadencollectie. De zaden kunnen – onder strikte voorwaarden – worden ingezet om kleine of verzwakte populaties te versterken, om soorten te herintroduceren op voormalige groeiplaatsen of om, in noodgevallen, schade door calamiteiten en beheerongelukken te herstellen. Zo vormt de collectie een brug tussen behoud en actief natuurherstel.

Borging van het botanisch erfgoed Noord-Brabant

In 2021 startten FLORON en Wageningen Environmental Research, samen met partners van Het Levend Archief, het project Borging Botanisch Erfgoed in Noord-Brabant. Doel was het veiligstellen van genetische diversiteit van bedreigde en zeldzame plantensoorten die karakteristiek zijn voor het Brabantse landschap.

Binnen dit project zijn zaden verzameld van 158 verschillende plantensoorten, waarmee ruim 360 nieuwe populaties vertegenwoordigd zijn in de Nationale zadencollectie. Daarmee is een groot deel van de genetische variatie geborgd van soorten die in het veld steeds kwetsbaarder worden. Inmiddels zijn er zaden van ruim zeshonderd soorten opgeslagen in de gehele Nationale zadencollectie van Het Levend Archief. 

Zaden van stijve moerasweegbree

Soortenrijkdom en zeldzaamheid

Plantensoorten van onder andere blauwgraslanden, schrale zandgronden, natte en droge heiden, hooilanden, vennen en voedselarme wateren zijn geborgd. Deze gebieden staan sterk onder druk door verdroging, stikstofdepositie, eutrofiëring (verrijking van de bodem) en intensief landgebruik. Qua taxonomie zijn de grootste aantallen soorten geborgd onder de composieten, grassen en cypergrassen, tevens de soortenrijkste plantenfamilies van ons land. Daarnaast zijn talrijke soorten geborgd uit onder meer de families van schermbloemigen, lipbloemigen, vlinderbloemigen, anjers, russen en rozen. Samen vertegenwoordigen zij een grote ecologische en functionele diversiteit. Van de verzamelde soorten hebben ruim honderd een Rode Lijststatus. Daarnaast zijn meer dan honderdtwintig geborgde soorten vrij zeldzaam tot zeer zeldzaam.

Bijzondere vondsten

Ook zijn op basis van recente vondsten of signalen uit het veld zaden van opvallende soorten veiliggesteld. Bijvoorbeeld van Kruismuur (Moenchia erecta), een soort die decennialang als verdwenen uit Nederland gold. Deze oorspronkelijk inheemse soort was sinds 1982 niet meer waargenomen, maar dook recent opnieuw op in Noord-Brabant, op open zandgrond nabij Best. Dankzij snelle signalering konden zaden worden verzameld en opgeslagen, waarmee deze herontdekte populatie nu ook genetisch is geborgd in de Nationale zadencollectie.

Vroege zegge (Carex praecox) is in Nederland slechts van enkele groeiplaatsen bekend. In Noord-Brabant dateren de laatste waarnemingen uit de jaren zestig. Herbariummateriaal vermeldde dat de soort was verzameld “tussen de basaltglooiing bij de Wilhelminasluizen”. Na gericht veldonderzoek is de soort hier opnieuw teruggevonden en direct geborgd.

Stippelzegge (Carex punctata) in de Duintjes van het Markiezaat vormt de enige bekende populatie in Noord-Brabant en is bovendien een van de weinige populaties in Nederland. Door het dichtgroeien van de valleien leek de soort sinds 2000 verdwenen. Na herstelmaatregelen in 2011, waarbij bomen en struiken zijn verwijderd en de grasrijke bovenlaag is afgeplagd, keerde de soort terug. Tijdens de zaadverzameling is bovendien een nieuwe groeiplaats ontdekt, vlak bij de reeds bekende populatie.

Zaden verzamelen in een pergamijnzakje

Kennis uit het veld

Zaadverzameling levert meer op dan alleen genetisch materiaal. Tijdens het veldwerk wordt ook informatie vastgelegd over populatieomvang, standplaats en begeleidende soorten, waardoor een nauwkeurig beeld ontstaat van de ecologische context waarin populaties van soorten voorkomen. Deze kennis vormt een waardevolle basis voor toekomstig soortbeschermings- en herstelonderzoek en maakt dat Het Levend Archief uitgroeit tot zowel een genetische als een ecologische kennisbron. Incidenteel werd ook het beheer van groeiplaatsen genoteerd. Bijvoorbeeld bij een populatie van Echte guldenroede (Solidago virgaurea). Hier werd vastgesteld dat de populatie werd verstoord door slootbeheer. De planten werden gemaaid terwijl ze nog in bloei stonden, waardoor zaadzetting onmogelijk werd gemaakt. Inmiddels is afgesproken dat bij toekomstig beheer expliciet rekening wordt gehouden met de bloeitijd van deze laatbloeier.

Blijven investeren in toekomstig herstel

Het verzamelen van zaden is geen oplossing voor het verlies aan biodiversiteit, maar een laatste noodgreep. In situ-behoud, het veiligstellen van soorten in hun natuurlijke leefomgeving, staat voorop. Dat het noodzakelijk is om genetisch materiaal ex situ veilig te stellen, is daarmee ook een signaal dat bestaande populaties en habitats structureel onder druk staan. Tegelijkertijd kan het ontbreken van zo’n vangnet verstrekkende gevolgen hebben. Door nu te investeren in het borgen van genetische diversiteit, behouden we in elk geval de mogelijkheid om in de toekomst te handelen.

Met dit project is een belangrijke stap gezet in het veiligstellen van bedreigde plantensoorten, maar het werk is daarmee niet afgerond. Zaadverzameling is een precisiewerk dat sterk beïnvloed wordt door weer, beheer en jaarlijkse variatie in bloei en rijping. Het venster waarin zaden geoogst kunnen worden is vaak smal en verschuift van jaar tot jaar. Voor een deel van de flora zijn daarom herhaalde verzamelpogingen nodig om de genetische diversiteit voldoende te borgen. En voor een deel van de flora zijn aanvullende inspanningen nodig om de genetische diversiteit voldoende te vertegenwoordigen. Continuering van het verzamelen is daarom noodzakelijk. Met verschillende terreinbeheerders zijn hierover al afspraken gemaakt. 

In Noord-Brabant, en daarbuiten, vormen de geborgde zaden daarmee geen geruststellende eindoplossing, maar een noodzakelijke verzekering voor de flora van morgen.

Dankwoord

Er gaat grote dank uit naar de terreinbeheerders voor hun medewerking en toegang tot terreinen, en naar de vele vrijwilligers die zich vol overgave hebben ingezet om zaden te verzamelen. Hun inzet vormt een onmisbare schakel in het behoud van het botanisch erfgoed van Noord-Brabant én van Nederland. Dit project is mogelijk gemaakt dankzij de ondersteuning van de provincie Noord-Brabant.

Tekst: Marit van Santen, FLORON en Nils van Rooijen, WENR
Beeld: Het Levend Archief; Charlotte Jalvingh