Mozaïek-akkers enorme boost voor biodiversiteit

De Vlinderstichting, Provincie Gelderland
27-MEI-2026 - Als je als akkerbouwer een mozaïek creëert van verschillende gewassen, afgewisseld met kruidenrijke stroken en stoppels, dan gaat de biodiversiteit er enorm op vooruit. Zo blijkt nu al uit de zesjarige pilot 'Biodivers Akker Mozaïek' (BAM-akkers), die in 2024 begon.

Het idee achter BAM-akkers is dat je door slimme combinaties zorgt dat er het hele jaar rond iets te halen is voor allerlei, deels beschermde, dieren: vogels, insecten, bodemleven. En dan niet alleen voedsel, maar ook ruimte om te schuilen of voort te planten. De akkerbouwer wisselt stroken met oogstbare gewassen af met kruidenstroken. In de mix zitten zeker ook gewassen die goed zijn voor de bodem, zoals granen met een ondergroei van klaver, of andere stikstofbinders als veldbonen, lupine of luzerne. Op de kruidenstroken staat er altijd iets in bloei, en door niet alles tegelijk te oogsten en stoppels te laten staan, is er voor allerlei diersoorten altijd plek om ergens heen te vluchten. En dat werkt!

Dat blijkt uit de monitoring, die wordt uitgevoerd door de initiatiefnemers van de BAM-akkers: Anthonie Stip van De Vlinderstichting, ecoloog Ben Koks en landbouwdeskundige Sander Bernaerts. Provincie Gelderland wil natuurinclusieve landbouw stimuleren en bijdragen aan herstel en bescherming van de biodiversiteit. De provincie draagt graag bij aan de kosten van die monitoring. Je kunt het succes van zo’n pilot immers alleen meten als je goed weet wat het oplevert.

Akkerhommel op BAM-akker

Ecologisch gezien enorme verbetering

Annick van der Laan van de Vlinderstichting is in elk geval enthousiast over de monitoringsresultaten tot nu toe: “Ecologisch gezien is een BAM-akker een enorme verbetering.” De pilot loopt in Gelderland en Zuid-Holland, met in Zuid-Holland een aantal referentiepercelen met gangbare akkers met alleen tarwe. Daaruit blijkt dat er op de BAM-percelen gemiddeld veertig keer zo veel insecten rondvliegen. “We hadden wel bedacht dat er veel te vinden zou zijn, maar dit overtreft onze verwachtingen. En als er insecten zijn, dan is dat ook gunstig voor veel akkervogels”, aldus Annick.

Het is een geruststellend idee dat BAM-akkers binnen zo’n korte tijd al zo’n verbetering laten zien in de biodiversiteit. Annick: “Dat betekent dat bestuivers de weg weten te vinden, als je maar de juiste omstandigheden creëert.” Er zijn niet alleen meer insecten van de algemene soorten, maar er komen ook zeldzame soorten voor. Zo is de klaverdikpoot gevonden, een vrij zeldzame bij die alleen van klaver leeft. Ook worden er veel patrijzen en veldleeuweriken gezien op en rond BAM-akkers.

De BAM-akkers op de Lingehof

Meer dan een akkerrand

Een BAM-akker gaat een flinke stap verder dan een akkerrand. Akkerranden waren voorheen vaak eenjarig, ze werden jaarlijks ondergeploegd en weer ingezaaid met een akkerrandenmengsel. Gelukkig zijn er al steeds meer meerjarige akkerranden, dat is een flinke verbetering. De kruidenrijke stroken in een BAM-akker hebben het bijkomend voordeel dat ze niet alleen langs de randen liggen, maar ook de akkers doorsnijden, en dus dichter op elkaar liggen. “Insecten halen er niet alleen nectar, ze kunnen er schuilen, eitjes leggen, overwinteren. Kortom: ze kunnen er hun hele levenscyclus voltooien”, legt Annick uit. “Je zaait zo’n strook dan ook in met een zorgvuldig samengesteld mengsel, met meerjarige en zoveel mogelijk inheemse planten die landbouwkundig inpasbaar zijn.”

De uitvoering van de pilot in Gelderland ligt bij het agrarisch Collectief Rivierenland. Het is nu nog geen officieel pakket binnen het Agrarisch Natuur en Landschapsbeheer (ANLb, landbouwsubsidie vanuit het Rijk), maar als het een succes blijkt te zijn, hopen de initiatiefnemers dat dat in de toekomst wel gaat gebeuren. Dat succes hangt overigens niet alleen af van de aantallen insecten en vogels, maar ook van het enthousiasme van de boeren.

Waanzinnig veel insecten, maar niet alleen halleluja

André Jurrius met zijn lupineboontjes

De pilot is in Rivierenland dit jaar uitgebreid van 9 boeren op 45 hectare naar 40 agrariërs op 250 hectare, van gangbaar tot biologisch-dynamisch. Een van de akkerbouwers van het eerste uur is André Jurrius, biologisch-dynamisch akkerbouwer op de Lingehof in Hemmen. Hij heeft 8 hectare BAM-akkers op een deel van zijn areaal. Ook André is aangenaam verrast door de biodiversiteit die zijn BAM-akkers opleveren. “Er bloeit eind april zo veel, in alle kleuren: paarse dovenetel, gele mosterd, de luzerne begint ook net te bloeien. Het is echt waanzinnig hoeveel insecten er rondvliegen en er komen verrassend veel vogels op af. We zien kieviten, scholeksters, patrijzen, fazanten, grutto’s, echt geweldig!”

Toch is het niet alleen maar halleluja. Een BAM-akker vergt nogal wat van je bedrijfsvoering, vindt André. Hij loopt aan tegen de beperkingen in het soort gewassen dat je mag telen tussen de kruidenstroken, en wanneer je die mag oogsten. Hij zou bijvoorbeeld best wintergranen willen telen, maar dat past niet in het systeem. Ook levert het extra onkruiddruk op. “Je voelt je soms meer natuurbeheerder dan akkerbouwer. Ik vind het wel heel mooi, maar ik heb ook een bedrijf te runnen. Gelukkig staat er een mooie vergoeding tegenover. En laten we wel zijn, het is een pilot en we hebben nog drie jaar te gaan, dus er zijn altijd nog aanpassingen mogelijk.”

Meer informatie

Tekst: Marjel Neefjes, Communicatiebureau de Lynx, in opdracht van Provincie Gelderland
Beeld: Anthonie Stip, VlinderstichtingEkoboerderij de Lingehof