Kunnen we de Friese Elfstedentocht straks alleen nog maar zwemmen?

Wageningen Environmental Research, Wageningen University & Research
19-OKT-2021 - Komt er ooit nog een Elfstedenstocht, of kunnen we dit vergeten? Volgens internationaal onderzoek in Nature Geoscience wordt de kans steeds kleiner. Wereldwijd warmen meren op en zullen de ijsdagen afnemen. “Deze opwarming is niet alleen een probleem voor onze ijspret, maar kan ook een probleem vormen voor de waterkwaliteit in onze meren”, aldus de onderzoekers van onder andere WUR.
Deel deze pagina

Voor hun onderzoek, onder leiding van Luke Grant en Wim Thiery van de Vrije Universiteit Brussel, gebruikten de onderzoekers verschillende toekomstscenario’s die de uitstoot van broeikasgassen beschrijven. In het meest optimistische scenario, met een lage uitstoot, zal wereldwijd de gemiddelde temperatuur van meren in de toekomst ongeveer anderhalve graad opwarmen in vergelijking met het niveau van vóór de industriële revolutie. Als gevolg zullen de meren 14 dagen korter met ijs bedekt zijn. In het meest pessimistische scenario, wanneer de uitstoot van broeikasgassen niet afneemt, zouden meren zelfs met 4 graden kunnen opwarmen en zullen er wereldwijd gemiddeld 46 dagen minder ijs zijn. “In Nederland hebben we een gemiddelde van 6 ijsdagen per jaar, wat zou betekenen dat de winters in de toekomst vrijwel ijsvrij zullen zijn”, aldus dr. Annette Janssen, onderzoeker aan Wageningen University & Research (WUR) en co-auteur van deze studie.

Oorzaak opwarming

Naast de opwarmende trend in meren die deze internationale studie aan het licht bracht, wilden de onderzoekers ook weten wat de oorzaak ervan is. Kan het niet zo zijn dat de afgelopen twintig jaar toevallig wat warmer waren? Daarom ontwikkelde het team een groot aantal computersimulaties met modellen van meren op wereldwijde schaal, waarop ze vervolgens een reeks klimaatscenario’s loslieten. “Dat verschillende modellen gebundeld worden op deze schaal is uniek en leidt tot een grote hoeveelheid gegevens waar we tot voor kort niet over beschikten”, aldus Bram Droppers, onderzoeker van WUR en ook betrokken bij deze studie. Het resultaat was een databank, waarop de onderzoeksmethodologie van het VN-klimaatpanel (IPCC) werd toegepast. Op basis van deze analyse concludeert het internationale onderzoeksteam dat de wereldwijde veranderingen in de temperatuur en de ijslaag van meren alleen verklaard kunnen worden door de massale uitstoot van broeikasgassen door de mens.

De resultaten tonen aan dat het zeer onwaarschijnlijk is dat de stijgende temperaturen en het dalende aantal ijsdagen in meren van de afgelopen decennia aan het toeval kunnen worden toegeschreven. Bovendien vonden de onderzoekers duidelijke overeenkomsten tussen de vastgestelde veranderingen in de meren enerzijds, en computersimulaties van meren in een klimaat dat beïnvloed is door de uitstoot van broeikasgassen anderzijds. “Dat is een zeer overtuigend bewijs dat de klimaatverandering een impact op meren heeft”, zegt Luke Grant, hoofdauteur van de publicatie. Voorspellingen over de temperatuur en de ijslaag van meren geven unaniem voortschrijdende trends voor de toekomst aan. Voor iedere graad waarmee de luchttemperatuur wereldwijd stijgt, zullen meren naar schatting met 0,9 °C opwarmen en 9,7 dagen ijsbedekking verliezen.

De opwarming van de meren wereldwijd en de gerelateerde ijssmelt kunnen grote gevolgen hebben voor ons allemaal. Naast de afnemende kans op een Elfstedentocht zullen de meren ook in de zomer warmer zijn. Graag zoeken we dan verkoeling in verfrissend zwemwater zoals meren. “Maar niet alleen wij houden van een frisse duik in het water als het warm is,” aldus Janssen, “ook blauwalgen groeien goed bij warm weer.” Bij warm en rustig weer groeien blauwalgen sneller en kunnen ze een drijflaag aan het oppervlak vormen. Deze drijflaag kan gevaarlijk zijn voor ons, omdat de blauwalgen giftige stoffen kunnen uitscheiden. In de warme zomers van de afgelopen jaren gebeurde het dan ook regelmatig dat de zwemwateren werden afgesloten voor het pootjebaden.

Het internationale onderzoek laat aanzienlijke verschillen zien in de gevolgen voor meren aan het einde van deze eeuw, afhankelijk van de maatregelen die de mens neemt om klimaatverandering tegen te gaan. De resultaten onderstrepen het grote belang van het Akkoord van Parijs want een anderhalve graad maximale opwarming is van groot belang voor de gezondheid van meren overal ter wereld. De gevolgen van klimaatverandering, inclusief die op meren, zullen dan ook een belangrijk thema worden tijdens de Klimaatconferentie (COP26) in Glasgow, georganiseerd door de Verenigde Naties in november. Want, als we de komende decennia onze uitstoot drastisch weten te verminderen, kunnen we de ergste gevolgen voor meren wereldwijd nog vermijden. Dat zou goed nieuws zijn voor een toekomstige Elfstedentocht en behoud van goed zwemwater.

Meer informatie

Tekst: Annette Janssen, Wageningen University & Research
Foto: Wageningen University & Research