Tjiftjaf

Natuurjournaal 5 maart 2026

Nature Today
5-MRT-2026 - Eerste tjiftjaffen weer gehoord en reebokken polijsten hun gewei.

Eind februari zijn de eerste zingende tjiftjaffen weer gehoord. Een zachte winter kan ervoor zorgen dat de bruine zangvogeltjes eerder terugkeren uit hun overwinteringsgebieden in Zuid-Europa en Noord-Afrika, maar het kan ook zo zijn dat, als je een vroege tjiftjaf hoort, het er eentje is die ervoor gekozen heeft tijdens de winter in Nederland te blijven. Bij de eerste lenteachtige dagen beginnen deze thuisblijvers dan weer te roepen. De tjiftjaf is vernoemd naar het geluid dat hij maakt, het is een onomatopee. Andere voorbeelden van onomatopeeën in de vogelwereld zijn oehoe, koekoek, grutto en hop.

Twee reebokken op een open veld in Kiskunsagi National Park, Pusztaszer, Hongarije, in februari

Reebokken groeien hun nieuwe gewei in de winter. Tijdens de groei zit er huid omheen, deze is doorbloed en lijkt op een kortbehaarde, fluwelen vacht. Dit is de basthuid. Deze huid zit vol bloedvaten, beschermt het gewei en voorziet het van de benodigde voedingsstoffen en zuurstof tijdens de groei. Als het nieuwe gewei klaar is, heeft de basthuid zijn werk gedaan. Verhoogde testosteronwaarden zorgen dat de bloedtoevoer naar de basthuid stopt en de huid afsterft en uitdroogt. Het laagje gaat loszitten en jeuken. Reebokken schuren hun gewei dan overal tegenaan om de laag van hun gewei te vegen. Dit gaat tot in juni zo door – oudere, meer dominante bokken vegen vaak eerder dan de jongere mannetjes. Wat overblijft, is het kale gewei, klaar voor de strijd in de voortplantingstijd. Op de hoofdstangen zie je vaak de groeven zitten waar tijdelijke aders in de basthuid liepen.

Tekst: Karen Bosma, Nature Today
Beeld: Harvey van Diek; Rudmer Zwerver, Saxifraga