Word wetenschapswijs en speel de stikstofbingo
SoortenNLHet is van belang om een goed debat te voeren over natuurkwaliteit en natuurbeleid. Maar als daarvoor verdraaiingen en verdachtmakingen nodig zijn, zegt dat ook iets. We hebben de film nog niet gezien, dus misschien valt het mee. Wel herkennen we het soort debat inmiddels uit eerdere ‘rapporten’ en campagnes vol foutieve claims. Veel van die misverstanden zijn al uitgebreid weerlegd - een aantal staat hier toegelicht. Helaas verdwijnen weerlegde claims zelden écht.
Alle seinen staan op groen
Onder de vorige regering, met BBB op landbouw, verschenen voorafgaand aan belangrijke Kamerdebatten regelmatig filmpjes als #alleseinenstaanopgroen. De Kamer werd daarna pas geïnformeerd – niet via officiële brieven, maar via talkshows en praatprogramma’s. Zo verschuift de aandacht van de inhoud naar de vorm en raakt een inhoudelijk debat ondergesneeuwd. Het is een strategie om feiten die niet welkom zijn, kwijt te spelen.
Het debat na de film wordt voorgezeten door de oprichter van de BBB. Misschien gebeurt het zorgvuldig, het moet immers nog plaatsvinden, maar een kritische houding is gerechtvaardigd.
Hoe werkt de twijfelbrigade
Met betrekking tot natuurkwaliteit en natuurbeleid zijn in de afgelopen jaren regelmatig twijfels gezaaid. Hoe zulke strategieën werken, is goed beschreven in het boek The Merchants of Doubt (De twijfelbrigade). Het doel is niet om onwelgevallige feiten echt te weerleggen, dat lukt immers niet, maar om twijfel te zaaien. Dat leidt al snel tot polarisatie, al was het maar omdat mensen die de strategie ontmaskeren, zelf het verwijt krijgen te polariseren. Maar als je feitelijke conclusies op basis van controleerbaar onderzoek gelijkstelt aan willekeurige beweringen, ontstaat geen bruikbaar midden. Dan verdwijnen oplossingen uit beeld.
Voor buitenstaanders is het moeilijk te beoordelen wie gelijk heeft, die zien een strijd met cijfers, overdrijvingen en drogredenen. Ook wetenschappers bedienen zich van retoriek, niemand kan spreken zonder frames. Maar wetenschappers staan wel op achterstand: als zij aantoonbaar onjuiste rapporten publiceren, moeten ze rectificeren. De twijfelbrigade hoeft dat niet en houdt weerlegde claims gewoon overeind.
Veel ernstiger dan de zichtbare strijd, zijn de vertraagde effecten van polarisatie. Problemen die worden ontkend verdwijnen meestal niet en dan zijn er complottheorieën nodig om te verklaren waar de problemen vandaan komen. De crisis wordt veroorzaakt door een model. Of erger: een samenzwering van mensen die 'alle boeren weg willen hebben’. Helemaal niemand vindt dat, maar in veel discussies wordt het als argument gebruikt. Als je eenmaal zo ver bent, kun je geen serieus debat over de aard en oorzaak van de problemen meer voeren, laat staan dat er oplossingen besproken kunnen worden.
Word wetenschapswijs en speel de stikstofbingo
Voor de goede orde: misschien is de film veel genuanceerder dan de trailer. Dat oordeel laten we graag aan de kijker. De bingokaart is een hulpmiddel om de gepresenteerde informatie te wegen en een beetje wetenschapswijs te worden.
Wetenschappers leggen hun werkwijze uit in methodes en verantwoordingen van publicaties, maar die teksten zijn vaak lastig toegankelijk omdat er veel jargon gebruikt wordt. Daarom maakten we vorig jaar de online cursus Wat weten we van natuur?, terug te kijken via YouTube. De kern was eenvoudig: we weten heel veel, maar niet alles. De cursus legt uit hoe natuurdata worden verzameld, gevalideerd en gebruikt voor uitspraken over natuurkwaliteit. Niet zo gelikt als een film, maar bedoeld om inzicht te geven in hoe wetenschap werkt. Het doel is dat mensen de argumenten van zowel onderzoeksjournalisten als wetenschappers beter kunnen beoordelen – zonder blind te vertrouwen op autoriteit of verpakking.
Veel plezier met spelen.

Toelichting bij de stikstofbingokaart
|
1. Het model deugt niet Vaak wordt hiermee Aerius bedoeld: een model dat juist is ontwikkeld om stikstofruimte beter in beeld te brengen. Wie “het model” afwijst, gebruikt meestal twee drogredenen tegelijk. Ten eerste: Aerius voorspelt stikstofdepositie betrouwbaar. De berekeningen zijn gevalideerd met metingen, in tegenstelling tot wat veel beweerd wordt. Over langetermijneffecten bestaat meer onzekerheid, omdat die diffuser zijn. Het model kan verkeerd gebruikt worden, maar dat geldt ook voor hamers en spijkers. Toch kun je daar heel veel mee. Ten tweede: de negatieve effecten van stikstof zijn niet “bewezen” met Aerius. Die blijken uit onderzoek, metingen, veld- en laboratoriumexperimenten die voortdurend worden herhaald. Ook zonder Aerius blijft de stikstofcrisis bestaan. 2. De doelen zijn niet realistisch Dat hangt af van wat je onder realistisch verstaat. Het doel van natuurbeleid is herstel en behoud van biodiversiteit. Onderzoek laat zien dat herstel mogelijk is als je maatregelen neemt. Zonder maatregelen is geen enkel doel haalbaar. Sinds het Toetsingskader Ammoniak uit 2008 zijn veel pogingen om stikstofbeleid te voeren vertraagd of afgezwakt. Daardoor stagneerde de daling van de uitstoot en nam die later weer toe. Dat is zichtbaar in monitoringdata van onder meer dagvlinders en paddenstoelen. 3. De natuur is dynamisch / je krijgt gewoon andere vegetatie Maar niet elke verandering is wenselijk. Door overmatige stikstofdepositie veranderen graslanden bijvoorbeeld in braam- en brandnetelvegetaties. Maar de effecten gaan verder: kalkgebrek verzwakt eierschalen en vogelbotten, veldkrekels verdwijnen, voedselplanten voor vlinders verliezen voedingswaarde en schimmels verdwijnen, waardoor blad niet meer goed afbreekt. Uiteindelijk raken voedselwebben ontwricht en sterven bossen af. Herstel van natuurlijke dynamiek en ecologische veerkracht is een belangrijk doel van de Habitatrichtlijn. Daarvoor moet je drukfactoren verminderen en ruimte creëren. 4. Er speelt veel meer dan stikstof Dat klopt. Ook verdroging, pesticiden, versnippering en te kleine natuurgebieden zijn belangrijke drukfactoren. Juist daarom is integraal natuurbeleid nodig. Maar stikstof blijft de grootste drukfactor. Dat er méér problemen zijn, betekent niet dat stikstof er niet toe doet. 5. ‘Jamaar Duitsland’ Duitsland heeft juist op veel punten strenger natuur- en milieubeleid en ook betere handhaving. De natuurkwaliteit is beter en daardoor is er soms meer mogelijk. Maar ook in Duitsland heeft stikstof negatieve effecten op natuurkwaliteit. Ecologische effecten houden zich namelijk niet aan grenzen. 6. Het braafste jongetje van de klas Een gelijk speelveld is belangrijk. De Habitatrichtlijn is mede bedoeld om dat te bewaken. Veel studies laten zien dat een ongezonde leefomgeving uiteindelijk ook economisch kostbaar is. Nederland is niet het “braafste”, maar juist een van de slechtst scorende landen op natuurkwaliteit en naleving. Daarom stapelen inbreukprocedures zich op. 7. Stikstof is voer voor plantjes Dat klopt, net zoals vet en suiker voedingsstoffen zijn voor mensen. Je hebt ze nodig, maar teveel is schadelijk. Ook stikstof werkt zo: een kleine hoeveelheid is essentieel, een overmaat ontwricht ecosystemen. 8. Stikstof staat niet in de Habitatrichtlijn Dat hoeft ook niet. De Habitatrichtlijn verplicht lidstaten om natuur in een gunstige staat van instandhouding te brengen en te houden. Dat lukt niet zonder forse reductie van stikstof én aanpak van andere drukfactoren. Steeds nieuwe rapporten van verschillende wetenschappelijke instanties trekken dezelfde conclusie, maar zolang de aanbevelingen niet worden opgevolgd, is er geen reden om aan te nemen dat de problemen verdwijnen. 9. Je moet gewoon beter beheren Veel beheermaatregelen werken alleen beperkt en tijdelijk. Ze zijn vaak niet eindeloos herhaalbaar zonder nieuwe schade te veroorzaken. Je kunt bijvoorbeeld niet elk jaar plaggen zonder bodems verder te beschadigen. Tegen structureel slechte milieuomstandigheden valt uiteindelijk niet op te beheren. 10. Moeten dan alle boeren weg? Dat is een valse tegenstelling. Het aantal boeren daalt al decennia, net als het aantal boerenlandvogels. Tegelijk steeg de melkproductie sterk. Zowel de vogels als de boeren worden uitgemolken. Er zijn boeren die laten zien dat landbouw en natuurherstel samen kunnen gaan. Die help je niet met simplistische tegenstellingen. 11. Het gaat goed met de natuur, want de zeearend is terug Sommige toppredatoren keren terug doordat ze beter beschermd worden. Dat laat zien dat bescherming werkt. Maar de terugkeer van enkele soorten zegt weinig over de totale natuurkwaliteit. Tegenover een paar terugkerende soorten staat een veel grotere achteruitgang van andere soorten. 12. Allerlei verdwenen soorten keren terug Veel soorten zijn midden twintigste eeuw uit Nederland verdwenen door verzuring, verdroging en schaalvergroting in de landbouw en die keren nu terug doordat verspreidingsgebieden verschuiven, dit komt door klimaatverandering. De soorten keren terug, maar het betekent niet dat de problemen waardoor ze ooit verdwenen niet meer bestaan. 13. De verspreiding van soorten neemt toe Systematische tellingen laten juist het tegendeel zien. Als je alleen naar verspreidingsdata kijkt, zie je vooral een toename van het aantal waarnemers en de invloed van technologie. Om goede trends vast te kunnen stellen, heb je systematische monitoring nodig. Standaardprotocollen, meerjarige reeksen, gerandomiseerde meetpunten, statistische analyse, ecologische kennis over soorten, sociale kennis over gedrag van waarnemers. 14. De aantallen nemen toe Ook in data over aantallen zit bias. In het invoerportaal Waarneming.nl nemen de aantallen waargenomen grutto’s toe, in het veld nemen ze af. Zeldzame soorten worden veel vaker ingevoerd dan algemene. Om goede trends vast te kunnen stellen, heb je ook hier systematische monitoring nodig: standaardprotocollen, meerjarige reeksen, gerandomiseerde meetpunten, statistische analyse, ecologische kennis over soorten, sociale kennis over gedrag van waarnemers. 15. We moeten meer meten Er wordt in Nederland enorm veel gemeten: waterkwaliteit, bodem, bossen, planten en dieren. Sinds de negentiende eeuw verzamelen vrijwilligers al natuurgegevens; in de twintigste eeuw is dat sterk geprofessionaliseerd. Nederland behoort tot de best onderzochte landen van de wereld. Elke veenbesparelmoervlinder wordt gezien. 16. Met de Veluwe gaat het uitstekend Er circuleren rapporten die dat beweren, maar die gebruiken misleidende methoden. Zo worden niet-representatieve meetpunten gebruikt, worden risicogrenzen opgerekt en worden willekeurige data gepresenteerd alsof het systematische tellingen zijn. De rapporten kunnen de wetenschappelijke toets der kritiek niet doorstaan. 17. Het probleem zit bij de konijnen Konijnen beïnvloeden duinvegetaties sterk. Maar hun effect staat niet los van stikstof. Bij hoge stikstofbelasting groeit gras sneller dan konijnen kunnen wegvreten, zeker als populaties door ziektes instorten. Vergrassing wordt dan niet veroorzaakt door sterfte van konijnen, maar nog steeds door overmatige stikstofdepositie. 18. Natuur trekt zich niets aan van natuurbeleid Dat klopt niet. Natuurbeleid heeft aantoonbaar effect. Waar natuur de ruimte krijgt en de milieucondities verbeterd worden, zie je herstel. Ontbreken en schrappen van beleid of stimuleren van de verkeerde maatregelen heeft overigens ook effect: schadelijke activiteiten krijgen meer subsidie dan natuurherstel en ook daarvan zijn de effecten terug te zien in natuurdata. 19. Er zijn heel veel soorten gezien Vooral steden zijn soortenrijk, mede door de grote variatie aan tuinen en het hoge aantal waarnemers. Maar veel soorten zien betekent niet automatisch hoge natuurkwaliteit. Een soortenlijst alleen zegt weinig over de staat van ecosystemen. 20. #iknuhier Veel columnisten en ‘wetenschapsjournalisten’ vinden dat het goed gaat met de natuur omdat het er “prima uitziet”. Maar persoonlijke indrukken zijn nog geen gewogen analyses. Mensen die jarenlang soorten inventariseren zien juist verdwijnende soorten, dalende aantallen en stillere landschappen. Juist daarom moet je kwaliteitsoordelen baseren op systematische monitoring. 21. Het moet van ‘Brussel’ De afspraken over natuurbescherming zijn gezamenlijk gemaakt en door het Nederlandse parlement goedgekeurd. Het 'moet' dus niet alleen van Brussel of van rechters, maar ook van Nederland. Belangrijker dan ‘het moet van de rechter’, is dat een overgrote meerderheid van Nederland, 80 procent, dat ook wil. Mensen snappen het belang van een gezonde leefomgeving. 22. Boeren zijn de beste natuurbeheerders Er zijn boeren die indrukwekkende resultaten boeken met natuurvriendelijke landbouw. Op sommige plekken herstellen soorten daadwerkelijk. Maar de landelijk trends blijven negatief: akkervogels, weidevogels, bestuivers en veel algemene soorten gaan nog steeds achteruit. Dat wijst op een structureel probleem in de samenleving. 23. Zelfs zonder stikstofuitstoot is de natuur niet meteen hersteld Wie jarenlang ongezond leeft, is ook niet in één keer gezond na wat goede voornemens. Herstel kost tijd. Je kunt deze stelling eenvoudig omdraaien: zonder stikstofreductie gaat de natuur niet herstellen. En daarnaast moet je meer doen – en geduld hebben. 24. Je moet de natuur gewoon haar gang laten gaan Dat klinkt aantrekkelijk, maar in een landschap met enorme mestproductie, intensief pesticidengebruik en wateronttrekking is er geen sprake van “de natuur haar gang laten gaan”.Dan laat je natuur niet haar gang gaan, dan laat je de afbraak van natuur zijn gang gaan. |
Meer informatie
- De film 'Natuur houdt zich niet aan natuurbeleid' gaat dinsdag 26 mei om 19.30 uur in première.
Tekst: Sander Turnhout, SoortenNL
Beeld: Kars Veling; SoortenNL
