Geen droogval, wel nieuwe problemen voor het ven de Gerritsfles door warme, droge zomers
Stichting BargerveenDe Gerritsfles, het grootste ven van de Veluwe, wordt al ruim honderd jaar gemonitord. In opdracht van de provincie Gelderland zijn alle bestaande gegevens nu in samenhang geanalyseerd en aanvullende veldgevens verzameld met behulp van een landschapsecologische systeemanalyse (LESA). Hierdoor hebben we de ontwikkeling van het ven kunnen schetsen én zijn drie nieuwe, belangrijke inzichten over dit ven opgedaan:
- De watermacrofauna is dramatisch achteruitgegaan, wat waarschijnlijk veroorzaakt wordt door zuurstofgebrek;
- De waterkwaliteit van het ven was deze eeuw redelijk hersteld, maar er treedt opnieuw verzuring op na recente periodes van droogte;
- Het venpeil is de afgelopen 25 jaar met ruim 30 centimeter gestegen door de natuurlijke uitbreiding van bodemlagen die slecht water doorlaten.
Dramatische afname van watermacrofauna
De Gerritsfles is belangrijk voor watermacrofauna van zure vennen. Het gaat niet goed met deze organismen: de totale dichtheid van watermacrofauna is tussen 2008 en 2023 meer dan gehalveerd. Karakteristieke soorten van zure vennen, zoals noordse witsnuitlibel en maanwaterjuffer, zijn extra hard getroffen. De achteruitgang geldt vooral voor soorten die onder water ademen, zoals larven van dansmuggen, watermijten, libellenlarven en kokerjuffers. Soorten die aan het oppervlak in de lucht ademen, zoals kevers en waterwantsen, namen in dezelfde periode veel minder sterk af en vertoonden geen duidelijke langdurige neerwaartse trend. De achteruitgang van karakteristieke soorten lijkt sterk gekoppeld aan zuurstofgebrek in het ven. Dit wordt veroorzaakt door een toegenomen afbraak van organisch materiaal dat zich heeft opgehoopt in tijden van sterke verzuring door zure regen. Een combinatie van de afgenomen verzuring en verhoogde watertemperatuur als gevolg van klimaatopwarming zorgt voor een hogere afbraak. Bij deze afbraak wordt zuurstof gebruikt in de organische venbodems. Die zuurstof is dan niet meer beschikbaar voor diersoorten die hun zuurstof aan het water onttrekken.

Tijdelijke herverzuring door aangetaste omgeving
Uit oudere meetgegevens weten we dat het ven ernstig was verzuurd in de jaren 80 door ‘zure regen’, ofwel de atmosferische depositie van zwavel- en stikstofverbindingen. Sinds de jaren 90 is de pH van het ven door de afname van verzurende depositie grotendeels hersteld. Desondanks fluctueert de pH in het venwater nog aanzienlijk. Na droge en hete zomers, zoals in 2018, 2019 en 2020, zakt deze van ongeveer pH 5,0 naar pH 4,3. Deze tijdelijke herverzuring komt waarschijnlijk door het toestromen van water uit de omliggende heide, dat is verzuurd door versnelde afbraak van organisch materiaal tijdens droogte. De droge zandgronden rondom de Gerritsfles zijn door de hoge stikstof- en zwaveldepositie van de jaren 70 en 80 sterk verzuurd, maar in tegenstelling tot het ven is de pH van deze bodems niet hersteld. De verzuring van de zandbodems zorgt er ook voor dat het toestromende lokale grondwater veel zuurder en basenarmer is geworden. Er is dus een grote wisselwerking met de omgeving. Het ven wordt hier nog sterker door beïnvloed dan eerder werd gedacht.

De Gerritsfles: een groeiend ven
De Gerritsfles is een jong ven dat in het heide- en stuifzandlandschap pas ná 1800 is ontstaan. Het ven ligt ver buiten bereik van het diepere grondwater. Dat het hier nu toch jaarrond nat is, komt door een schijnspiegel: een slecht doorlatende bodemlaag waar water op blijft staan. Deze slecht doorlatende bodemlaag bestaat uit verkitte podzolen en ijzerbandjes en is in de afgelopen eeuwen uitgebreid. Uit historische kaarten blijkt dat de waterstand in de Gerritsfles geleidelijk is gestegen. Zoals te zien in de figuur hieronder is het venpeil ook recent nog gestegen. Na 2016 is het venpeil gestabiliseerd, maar het is niet uitgesloten dat het ven zich in de toekomst verder zal uitbreiden door veranderingen in de ondergrond.

Langlopend onderzoek
De Gerritsfles wordt al ruim honderd jaar door verschillende generaties onderzoekers gemonitord. Het ven is onderdeel van het Landelijke Referentiemeetnet Vennen, waardoor er bij verschillende organisaties veel gegevens over het ven beschikbaar zijn. Herman van Dam, Adviseur Water en Natuur, komt al sinds 1978 bij het ven. Hij verzamelt sindsdien samen met Waterschap Vallei en Veluwe, waterschapslaboratorium Aqualysis en vrijwilligers data over kiezelwieren, watermacrofauna, vegetatie, waterkwaliteit, venpeil en temperatuur van het ven. Stichting Bargerveen heeft sinds een aantal jaar het werk van Herman van Dam overgenomen.
Deze studie laat de grote waarde zien van het – nog steeds lopende – langetermijnonderzoek, waardoor trends onderscheiden kunnen worden van de ‘ruis’ die altijd tussen verschillende jaren optreedt. Daarnaast is de studie een voorbeeld van hoe een landschapsecologische systeemanalyse bijdraagt aan het begrijpen van trends in macrofauna en daarmee hoe fauna een plek kan krijgen in een systeemanalyse. De integratie van landschapsecologie en aquatische ecologie levert nieuwe inzichten op.
Meer informatie
- Lees het nieuwe artikel in de Levende Natuur over de Gerritsfles.
- Lees het nieuwe artikel in de Levende Natuur over de afname van libellen.
- Bekijk het onderzoeksrapport over de Gerritsfles.
- Lees meer over het referentiemeetnet vennen in een eerder artikel op Nature Today.
- Eerder verscheen op Nature Today een artikel over zuurstoftekort bij libellen.
- Luister het radio-interview bij de Gerritsfles.
Tekst: Louise Franssen & Esther van Hoof, Stichting Bargerveen; Kevin Geurts, Provincie Gelderland; Herman van Dam, Adviseur Water en Natuur; Peter van Beers, Waterschap Vallei & Veluwe.
Beeld: Peter van Beers; Hans Hop; Louise Franssen, Stichting Bargerveen
