De stortstenen zijn begroeid met tientallen jonge oesters

Jonge oesters uitgeplaatst op kabelkruisingen TenneT

ARK Rewilding Nederland, TenneT
14-SEP-2026 - Op twee kabelkruisingen in de Noordzee is bijna twintig ton stortstenen met daarop duizenden jonge Europese platte oesters uitgeplaatst. Onderzoekers testen of de oesters overleven, groeien en zich voortplanten, en of deze methode voor rifherstel kan worden toegepast bij onderhoud en aanleg van maritieme infrastructuur. Belangrijk omdat oesterriffen vrijwel geheel zijn verdwenen uit de Noordzee.

Netbeheerder TenneT bouwt zogenaamde ‘stopcontacten op zee’. Via kabels op zee brengen ze opgewekte energie naar de kust. Op deze manier verbinden ze windparken met het landelijke hoogspanningsnet. Waar elektriciteitskabels bestaande infrastructuur kruisen, zijn stortstenen nodig om de kabels te beschermen. Stortstenen worden ook in grote hoeveelheden gebruikt bij de aanleg en het onderhoud van windparken.

Oesterstenen storten

In dit experiment wordt onderzocht of het lukt om deze stortstenen te laten begroeien met oesters, en of het uitzetten van de ‘oesterstenen’ op die manier te combineren is met bestaand werk aan maritieme infrastructuur. Negen natuurorganisaties, kennisinstellingen en bedrijven die in of aan de Noordzee werken, hebben daarvoor de handen ineengeslagen. Hun inspanningen hebben alles te maken met de achteruitgang van de biodiversiteit in de Noordzee.

"Stenen, daar worden er duizenden tonnen van gebruikt bij projecten op zee. En het is een perfecte ondergrond voor jonge oesters om zich aan te hechten. Stel je voor: we bedekken al die stenen met oesters – miljoenen! Dan kunnen zich nieuwe riffen vormen. Als het eenmaal gaat lopen, kan een rif snel groeien en gaan wemelen van leven. Dit is echt een kans! Als deze methode werkt, zou het een voorwaarde voor vergunningsaanvragen moeten worden. Dan werken we tegelijkertijd aan de energietransitie én aan natuurdoelen.”

Francesc Montserrat, marien ecoloog bij ARK

Riffen in de Noordzee

Europese platte oesters zijn sleutelsoorten voor biodiversiteit in de Noordzee. Ze groeien via voortplanting aan elkaar en vormen op die manier riffen. Zo bieden ze leefgebied aan veel verschillende dier- en wiersoorten. Bovendien filteren oesters het water en geven ze voedingsstoffen af. Zo zorgen ze ook voor een groot voedselaanbod. Deze platte oesterriffen waren ooit wijdverspreid in de Noordzee, maar zijn door overbevissing, vervuiling en ziektes grotendeels verdwenen. Het terugbrengen van grote hoeveelheden inheemse oesters kan een impuls geven aan de ontwikkeling van nieuwe riffen. De hoop is dat de geteste methode daar een bijdrage aan kan leveren.

Schelpdierrif

Zeecontainers als mobiele kweekstations

Om op grote schaal oesters te kunnen laten groeien op stortstenen bouwde het consortium zeecontainers om tot mobiele kweekstations. Ze experimenteerden met de innovatieve kweekmethode ‘remote setting’. Daarbij worden oesterlarven vanuit een broedhuis overgebracht naar een plek dicht bij zee. In de zeecontainers met zeewater en stortstenen hechtten miljoenen larven zich binnen enkele dagen aan de stenen en groeiden ze in een paar maanden tot enkele millimeters groot. Begin september gingen de containers aan boord van een werkschip en werden de ‘oesterstenen’ uitgezet.

Eerste test op open zee

Deze uitzetactie betekent het startschot voor de eerste proef van deze methode op open zee. Vorig jaar werd deze methode voor het eerst getest dicht bij de kust, in de haven van Rotterdam. Onderzoek naar de overleving en groei van de jonge oesters in de haven, leidde tot nieuwe inzichten en verbeteringen voor de proef van dit jaar. Zo is de temperatuur en het voedselaanbod in de mobiele kweekstations constanter gehouden, wat zorgde voor de vestiging van aanzienlijk meer oestertjes per steen. Tijdens de uitzetactie van dit jaar wordt de overleving van de oesters na iedere stap – transport over land, over zee en uitplaatsing op de stortstenen – nauwkeurig onderzocht, om zo tot verbetering van het uitzetproces te komen. Komend jaar zal monitoring uitwijzen of de jonge oesters op open zee overleven en groeien.

"Het is heel mooi om te zien hoe negen organisaties met zulke verschillende achtergronden – natuurorganisaties, onderzoeksinstituten en offshorebedrijven – hebben samengewerkt om dit voor elkaar te krijgen.”

Pauline Kamermans, senior onderzoeker bij Wageningen Marine Research en projectleider

Oesterstenen worden uitgeplaatst op kabelkruisingen van TenneT

Dit project bouwt voort op de expertise van negen partners: Wageningen Marine Research, Wageningen University, Stichting Zeeschelp, ARK Rewilding Nederland, TenneT, Van Oord Ocean Health, De Rijke Noordzee, Waardenburg Ecology en Havenbedrijf Rotterdam.

Tekst: ARK Rewilding Nederland
Beeld: Annemiek Hermans, TenneT; Jeroen Helmer, ARK Rewilding Nederland