Houtpantserjuffer ovipositie - primair

Takken boven het water onmisbaar voor houtpantserjuffers

De Vlinderstichting
1-OKT-2026 - Houtpantserjuffers zijn nog tot ver in oktober en zelfs, afhankelijk van de weersomstandigheden, nog tot in november te zien. Ze zijn op veel plaatsen te vinden en komen eigenlijk overal in Nederland voor. Deze juffers stellen geen hoge eisen aan de kwaliteit van het water. Het belangrijkste is dat er bomen, struiken of struikachtige kruiden langs de waterkant staan.

Waarnemingen houtpantserjuffer vanaf 2025Bomen, struiken of struikachtige kruiden langs het water zijn essentieel. De vrouwtjes boren hun eitjes in de bast van deze bomen of struiken. Dat doen ze in deze tijd van het jaar, in september en oktober. De eitjes blijven in de takken overwinteren en in het voorjaar, rond maart of april, komen de larven uit het ei. Ze laten zich dan gewoon vallen en vaak komen ze daarbij in het water terecht, waar ze zich verder kunnen ontwikkelen. De vrouwtjes hebben hun eitjes namelijk afgezet op takken en twijgen waar in het voorjaar water onder staat.

Als de larven per ongeluk op het droge terechtkomen, kunnen ze wel een beetje springen of huppelen – in de hoop snel in het water te belanden – maar dat gaat hoogstens om enkele centimeters. Als het niet lukt het water te bereiken, zijn ze ten dode opgeschreven. Voor de beheerder van waterpartijen is de boodschap dan ook dat je nooit alle begroeiing langs het water weg moet halen, maar dat je gefaseerd werkt. Een deel afzetten of verwijderen, maar ook delen van de vegetatie of struiken langs de oever laten staan.

Houtpantserjuffers bezig met het afzetten van eitjes in takken boven het water

Houtpantserjuffers zijn prachtig metallic groen, maar worden bronskleurig als ze ouder zijn

De eitjes van houtpantserjuffer zijn, als ribbels in de bast, goed te herkennenHoutpantserjuffers zijn slanke ‘dunne’ libellen die hun vleugels langs of in de buurt van hun achterlijf houden. Ze zijn prachtig groen metallic gekleurd. In de loop van nazomer en herfst worden ze steeds donkerder en uiteindelijk zijn ze soms bronskleurig of bruin, maar altijd nog met die metallic glans. Voor de voortplanting zijn ze aangewezen op opgaande begroeiing langs het water, maar verder kun je ze op heel veel plekken aantreffen. Als er warme, wat beschutte plekken zijn met veel insecten, dan kunnen ze daar soms met tientallen bij elkaar gevonden worden. Vaak hangen ze aan takjes of bladeren in zonnige bosranden. Ook worden ze heel regelmatig uit tuinen gemeld en de komende weken kunt u ze ook bij u in de tuin te zien krijgen, als die tuin tenminste niet alleen uit stenen bestaat. Insecten, mugjes en vliegjes zijn het hoofdvoedsel van houtpantserjuffers en die moeten ze er wel kunnen vinden.

Tekst: Kars Veling, De Vlinderstichting
Beeld: Kars Veling; NDFF